The Speck In Your Brother’s Eye – The Alleged War Of Islam Against The West

In The Speck In Your Brother’s Eye, Jan Jaap de Ruiter analyses Marked for Death. Islam’s War Against The West and Me writtten by Geert Wilders, leader of the Dutch Freedom Party.

Cover Wilders - Marked for Death

Cover Wilders – Marked for Death

From The Speck: The solution Wilders presents involves a high risk of invoking violence, even if he states repeatedly that his program should be realized by the word and the pen. Who will give me the assurance that this would indeed be the case? Who can guarantee us that there will not be people who, like so many  Christians, Muslims and French revolutionaries, will take up the sword and ‘help’ to realize their goals that way? Wilders’ book brings us nothing new. Not only that, it is also completely counter- productive. Wilders’ message is not like that of religions and ideologies, which not only have a negative but also a positive side. It is exclusively negative. He focuses on the shortcomings of the other, accuses the other of being violent by nature, and uses words that can easily be interpreted as allowing violence to fight the enemy. He acts in exactly the same way as he perceives his opponent does. He sees the speck in his brother’s eye but fails to see the log in his own.

It may very well be the case that Geert Wilders will in due time give up his position as leader of the Freedom Party and leave the Dutch political arena. He might indeed, as was suggested, join an American think tank or travel the world spreading the message of the danger of Islam. Irrespective of where his career leads him, this will not mean that the anti Islam discourse will die out. On the contrary, it is supported by numerous others and in particular on the Internet it is very strong. Therefore countering this ideology by arguments, by pamphlets like this, remains necessary.

‘Am I showing myself to be a reprehensible cultural relativist here?’, asks De Ruiter in one of the chapters. ‘Undoubtedly’, is his answer.

The Speck In Your Brother’s Eye now online:

Chapter One – Wartime
Chapter Two – Truth
Chapter Three – Culture
Chapter Four – Ideology
Chapter Five – Solution
Chapter Six – The Speck In Your Brother’s Eye

Bookmark and Share

Norman White – But I would prefer that it sneaks in through some back door

norman-at-work

Norman White at work

The Normill is an old watermill in Durham (Ontario, Canada), a village 80 miles Northwest of Toronto. The big stone building next to a stunningly beautiful pond, was bought years ago by artist Norman T White (San Antonio, Texas, 1938)

The mill smells like old flour, animal carcasses and bat shit and harbours the soul of Norman White. His personal history is visible in the old photos of the Dutch fisherman relatives of his mother. The building is littered with the material his work is made of: machine parts and a bunch of old computers. The raw architecture of the construction seems hardly altered in the years White lived in it. He sleeps over the gas stove in the kitchen in a small attic. The reason why he lodges here lies in the cold winters, when snow piles up and the temperature drops below zero. The building is spacious: it has a clean working spot; a big storage space, a cellar, actually a steel workshop; a room full of closets and drawers stacked with electronics; enough room for a large bat colony that lives in the cracks in the impressive walls.
You can walk around for hours, investigate the archives, the boxes with machine parts and printed circuit boards, wired art pieces in themselves. In the corner of the cellar leans a big raft made of plastic bottles against the wall.

Norman White, in his seventies, looks young: more a boy then a man. His friends say that his looks never changed, he is the same as thirty years ago. White is a myth in and outside of Canada. He is one of the godfathers of electronic-, machine- and robotic art and taught for more then twenty five years at the Ontario College of Art and Design in Toronto. His offspring is well known in the electronic art world, Doug Back, Peter Flemming, Jeff Man, Graham Smith and David Rokeby are his former students. And they all visit his annual parties at the Normill, to celebrate their friendship with fires, swimming, music and art. Regularly artists from all over the world join and camp at the mill. White and his friends organised robot fights, machine wrestling: ‘Rawbotics & Sumo robots’ long before it became fashionable. Read more

Bookmark and Share

Van yatiri tot privékliniek – Interculturaliteit in de gezondheidszorg in Bolivia – deel 1

Chakana4-1

Foto: Chakana

Toegang tot goede gezondheidszorg is een belangrijke basisbehoefte. Maar wat is goede gezondheidszorg? Als wij in Nederland ziek worden, hebben we er in de meeste gevallen wel vertrouwen in dat onze huisarts of een specialist in het ziekenhuis ons weer geneest. We begrijpen min of meer hoe het zorgsysteem in elkaar steekt, en hoeven ons over de kosten van de behandeling nauwelijks zorgen te maken omdat we verzekerd zijn. Als we in het buitenland zijn, wordt de situatie al lastiger. De arts spreekt onze taal niet en we weten niet hoe het systeem werkt. Hetzelfde geldt natuurlijk voor immigranten in Nederland die het Nederlands nog niet goed beheersen.

Dit soort problemen speelt ook in andere landen met een cultureel diverse bevolking. Voor de inheemse inwoners van ontwikkelingslanden kan het Westerse zorgsysteem vreemd, onbegrijpelijk en angstaanjagend overkomen. In veel gevallen vertrouwen zij liever op hun eigen inheemse geneeskunde, vaak uitgevoerd door medicijnmannen en -vrouwen. Read more

Bookmark and Share

Van yatiri tot privékliniek – Interculturaliteit in de gezondheidszorg in Bolivia – deel 2

Chakana4-11

Foto: Chakana

4. El Alto: Capital Andina
Net als dat Bolivia een bijzonder land is, is El Alto een bijzondere stad in Bolivia. Oorspronkelijk is El Alto ontstaan als een sloppenwijk van La Paz. La Paz ligt in een dal naast de hoogvlakte. Toen het dal van La Paz vol raakte, is de stad letterlijk ‘over de rand’ gekropen, de hoogvlakte op.

Van sloppenwijk tot miljoenenstad
De bevolkingsgroei in deze sloppenwijk nam een vlucht na de Nationale Revolutie van 1952. De hierin afgedwongen landhervormingen zorgden ervoor dat kleine boeren niet langer konden overleven van de landbouw (Kranenburg 2002). Deze voornamelijk inheemse (Aymara) boeren hoopten op een beter leven in de stad en kwamen in El Alto terecht, wat ook weer andere migranten van Aymara afkomst aantrok. Zij voelden zich het meest thuis in deze stad waar ook hun eigen inheemse en plattelandstradities behouden bleven (Muriel Hernandez 1995). Nadat in de jaren ’80 veel mijnen sloten, trokken ook de voornamelijk Quechua mijnwerkers naar El Alto (Kranenburg 2002). In 1985 werd de wijk een onafhankelijke gemeente. Bijna alle inwoners van El Alto (alteños) komen van de hoogvlakte, en dan niet alleen uit Bolivia maar zelfs een deel uit Peru. Ook voor deze inheemse Peruanen is de culturele overgang van hun dorp naar El Alto kleiner dan naar bijvoorbeeld de Peruaanse hoofdstad Lima. Migranten uit andere delen van Bolivia zijn er eigenlijk nauwelijks, al neemt de laatste jaren het aantal migranten  uit La Paz toe. Zij ontvluchten de dure woningmarkt van La Paz. Inmiddels wonen er naar schatting tegen de één miljoen mensen in El Alto. Hiermee is het de grootste stad op de hoogvlakte en ze wordt dan ook wel ‘Capital Andina’ genoemd (van Rijn 2006).

Ondanks dat in Bolivia stedelijke gebieden gemiddeld rijker zijn dan het platteland, leeft tweederde van de inwoners van El Alto onder de armoedegrens. Nog eens 17% leeft in extreme armoede. Dit is lager dan het nationale gemiddelde. Basisbehoeften zoals sanitaire voorzieningen, onderwijs en toegang tot zorg worden niet vervuld (INE 2005). Veel huizen, vooral in de nieuwere wijken aan de rand van de stad, hebben nog geen goede sanitaire voorzieningen, al wordt hier wel aan gewerkt door de gemeente (van Rijn 2006). Read more

Bookmark and Share

From The Web – Podcast: History of Philosophy ‘Without Any Gaps’

Holbein

Peter Adamson, Professor of Ancient and Medieval Philosophy at King’s College London, takes listeners through the history of Western philosophy, “without any gaps.” Beginning with the earliest ancient thinkers, the series will look at the ideas and lives of the major philosophers (eventually covering in detail such giants as Plato, Aristotle, Avicenna, Aquinas, Descartes, and Kant) as well as the lesser-known figures of the tradition.

Read & Listen: http://historyofphilosophy.net/home

 

Bookmark and Share

Estamos bien en el refugio Los 33 – De nasleep van de Chileense mijnramp

Foto Hugo Verkley

In 2010 werd het Chileense Copiapó wereldnieuws. Vlak bij deze stad kwamen op 5 augustus 2010 33 mijnwerkers vast te zitten in de San José mijn. 69 dagen verbleven zij op bijna zevenhonderd meter diepte. Voor het oog van miljoenen tv-kijkers werden zij, op 12 en 13 oktober 2010, één voor één bevrijd. ‘Los 33’ werden als helden onthaald en kregen uitnodigingen om onder meer Disney World in Amerika en voetbalwed-strijden van Real Madrid en Manchester United te bezoeken. Een poos na de ramp gaat het met de ene mijnwerker een stuk beter dan met de ander.

Jimmy Sánchez zit voornamelijk thuis op de bank. Dan staart hij wat voor zich uit en denkt na. Over de tijd die hij doorbracht in de San José mijn. ,,Ik kan alleen maar aan de ramp denken,” zegt de jongste van de 33 mijnwerkers. De nu 21-jarige Chileen heeft het zwaar, is zichzelf kwijt. ,,Vroeger was ik vrolijk en genoot ik van mijn vrienden en familie. Nu voel ik me onbegrepen en wanhopig en ben ik liever alleen. Ik ben nerveus, kan me niet goed concentreren en word soms uit het niets woedend. Ook zijn er dagen dat ik niets anders doe dan huilen. Deze hele situatie maakt me wanhopig en ik weet niet wat te doen.” Read more

Bookmark and Share

  • About

    Rozenberg Quarterly aims to be a platform for academics, scientists, journalists, authors and artists, in order to offer background information and scholarly reflections that contribute to mutual understanding and dialogue in a seemingly divided world. By offering this platform, the Quarterly wants to be part of the public debate because we believe mutual understanding and the acceptance of diversity are vital conditions for universal progress. Read more...
  • Support

    Rozenberg Quarterly does not receive subsidies or grants of any kind, which is why your financial support in maintaining, expanding and keeping the site running is always welcome. You may donate any amount you wish and all donations go toward maintaining and expanding this website.

    10 euro donation:

    20 euro donation:

    Or donate any amount you like:

    Or:
    ABN AMRO Bank
    Rozenberg Publishers
    IBAN NL65 ABNA 0566 4783 23
    BIC ABNANL2A
    reference: Rozenberg Quarterly

    If you have any questions or would like more information, please see our About page or contact us: info@rozenbergquarterly.com
  • Like us on Facebook

  • Follow us on Twitter

  • Archives