Van ellende edel. Bijlage 1 ~ Slauerhoffs publicaties beschouwend proza

omslag_slau_zwart.inddBijlage I. Lijst publicaties beschouwend proza

A. tijdschriftartikelen
B. Bijdragen aan de Nieuwe Arnhemsche courant

Een asterisk (*) achter een titel betekent dat het desbetreffende artikel ook opgenomen is in de Verzamelde werken VIII. Proza V. Critisch proza (1958). Een dubbele asterisk (**) achter een titel geeft aan dat het een opiniërende bijdrage (dus geen boek- of tijdschriftrecensie) van Slauerhoff betreft. De stukjes die Slauerhoff tussen 1918 en 1920 in Propria Cures en in Minerva publiceerde, werden herdrukt in Slauerhoff 1983.

Een asterisk (*) achter een titel betekent dat het desbetreffende artikel ook opgenomen is in de Verzamelde werken VIII. Proza V. Critisch proza (1958). Een dubbele asterisk (**) achter een titel geeft aan dat het een opiniërende bijdrage (dus geen boek- of tijdschriftrecensie) van Slauerhoff betreft. De stukjes die Slauerhoff tussen 1918 en 1920 in Propria Cures en in Minerva publiceerde, werden herdrukt in Slauerhoff 1983.

Tijdschriftartikelen

Titel van het artikel of van het besproken boek – tijdschrift

Ruslands letterkunde (1915) -postuum gepubliceerd in Vestdijkkroniek no. 90, 2001: 10-23
Over Divagations van S. Mallarmé –Propria Cures 30 (1918/1919) (14 dec) (ook in Slauerhoff 1983: 48-51)
Dies natalis U.S.A. (anon.) – Minerva 27.3.1919 (id.: 61-62)
Aan Sic! (ps. J.E.) – Propria Cures 30 (1918/1919) (12 apr 1919): 231 (id.: 68)
Aan Philomorus? (ps. J.E.) – Propria Cures 30 (1918/1919) (12 apr 1919): 231 (id.: 69)
Intree (In den beginne was het Woord) – Propria Cures 31 (1919/1920) 5 (11 okt 1919): 41-42 (id.: 69-72)
[Antwoord aan G.J.D.] (ps. J.E.) – Propria Cures 31 (1919/1920) 6 (18 okt 1919) (id.: 75) Read more

Bookmark and Share

Van ellende edel. Bijlage II ~ Slauerhoffs poëticale gedichten

omslag_slau_zwart.inddBijlage II. Slauerhoffs poëticale gedichten

Titel – Vg – poëticaal onderwerp – datering

Extrême-orient – 14 – dichter – 1920/1921
De gouden eeuw bederft als een gekneusde – 17 – kunst – 1920/1921
Het boegbeeld: de ziel – 45 – poète maudit – 1920/1921
Sirenen III. Metamorphose – 56 – lied – vóór sep 1921
Uit het leven van Tristan Corbière – 77-97 – over de poète maudit Corbière – 1921/1922
Een baak, geboeid aan een korte ketting – 107 – poète maudit (Villiers de l’I.-A.) 1920/1921
Priesteres (laatste strofe) – 186 – lied – voor 1923
Pauvre Lélian (strofe 1, 12, 13, 16) – 209 – poète maudit Verlaine – voor 1925
Ballade – 214 – poètes maudits – voor jan 1925
Sépulture d’un poète maudit – 216  – poète maudit –  voor 1925
Tot mijn erfgenaam – 235 – dichter –  voor 1930 Read more

Bookmark and Share

Van ellende edel. Bijlage III ~ Corbières besproken gedichten (hoofdstuk 7.4.2)

omslag_slau_zwart.inddParis nocturne [i]

Ce n’est pas une ville, c’est un monde.

— C’est la mer: — calme plat — et la grande marée,
Avec un grondement lointain, s’est retirée.
Le flot va revenir, se roulant dans son bruit —
— Entendez-vous gratter les crabes de la nuit …

5 — C’est le Styx asséché : Le chiffonnier Diogène,
Sa lanterne à la main, s’en vient errer sans gêne.
Le long du ruisseau noir, les poëtes pervers
Pêchent ; leur crâne creux leur sert de boîte à vers.

— C’est le champ : Pour glaner les impures charpies
10 S’abat le vol tournant des hideuses harpies.
Le lapin de gouttière, à l’affût des rongeurs,
Fuit les fils de Bondy, nocturnes vendangeurs.

— C’est la mort : La police gît — En haut, l’amour
Fait la sieste en têtant la viande d’un bras lourd,

15 Où le baiser éteint laisse sa plaque rouge …
L’heure est seule — Écoutez : … pas un rêve ne bouge

— C’est la vie : Écoutez : la source vive chante
L’éternelle chanson, sur la tête gluante
D’un dieu marin tirant ses membres nus et verts
20 Sur le lit de la morgue … Et les yeux grand’ouverts ! Read more

Bookmark and Share

Van ellende edel. Bijlage IV ~ Slauerhoffs stuk over Lautréamont

omslag_slau_zwart.inddLe cas Lautréamont

L’influence de Lautréamont ne s’est fait sentir qu’après la guerre. Et ce n’est qu’en ces dernières années que son cas est au centre de l’intérêt. Je ne puis me rendre compte si cela est dû au fait que Lautréamont, de même que le maréchal Foch, est né à Tarbes,[i] ou à cette autre circonstance que, de même que l’équipe de football victorieuse aux récents Jeux Olympiques, il s’est formé dans l’Uruguay et qu’il a transplanté en Europe une énergie et une vitesse inconnues. Il se pourrait que les horoscopes de ces grandeurs nous donnent à ce sujet quelques éclaircissements.

Le cas Lautréamont rappelle très fort le cas Rimbaud, auquel il est partiellement parallèle.
Tous les deux coïncident avec l’époque de la plus grande humiliation française, vers 1870. L’un et l’autre ont accompli en quelques années une oeuvre aux proportions grandioses et absolument neuves. Une mort prématurée, littéraire chez l’un, physique chez l’autre, est venu mettre un terme à une période d’intensité surhumaine. Nous nous étendrons plus loin sur ce qui les distingue.
Mais il nous faut examiner d’abord quelle est la signification de ces deux phénomènes pour la vie intellectuelle de l’Europe au cours du siècle dernier.
Ils constituent la preuve la plus forte que, depuis un siècle, l’orientation de la littérature européenne ou plutôt de la vie intellectuelle au sens non scientifique mais essentiel, est dominée, non pas par des esprits de formation classique universelle et très conscients d’eux-mêmes (Voltaire-Goethe etc.), mais par des individualités anormales, qu’aucun lien ne rattache à leur temps ni à leur pays, qui se manifestent en pleine autonomie et doivent généralement se maintenir contre une société hostile. Read more

Bookmark and Share

Van ellende edel. Bijlage V ~ Slauerhoffs besproken gedichten (hoofdstuk 11 en 13)

omslag_slau_zwart.inddDe Ardennen (Vg 827/8)
Een (gebroken) Sonnettenkrans, door Jacquelin

I. Pelgrimstocht
O, de gewijde grotten! Wij bezochten
Om te beginnen die van Remouchamps,
Liefkoosden warm in de ijskoude krochten,
En daalden daarna in die van Dinant,

Een pas ontdekte – België is hòl er van
Sinds de entrees stegen op meer dan tien francs.
De vroomheid bleef. ’t Vermogen niet. Wij kochten
Ons niet meer ’t Allerheiligste van Han,

En zochten troost in Brussels Scala, voor
De ontwijding van het Heilge Land van Tachtig,
En vonden met verrukking, achter ’t koor,

België’s Libanon nu eerst waarachtig
Grootsch: grotten grijnsden, gletschers glansden prachtig,
Want hier beleed zich oprecht het Décor. Read more

Bookmark and Share

Van ellende edel ~ Bibliografie

Van Ellende EdelAbrams, M.H. – 1953 The Mirror and the Lamp. Romantic Theory and the Critical Tradition. Oxford University Press. Londen / Oxford / New York.
Akker, W.J. van den – 1984 ‘En marche vers le ciel. Over “Het lied der dwaze bijen”’. In: De revisor 11 (1984) 4 (aug): 72–79,85.
Akker, W.J. van den – 1985 Een dichter schreit niet. Over de versexterne poëtica van M. Nijhoff. 2 dln. Proefschrift Utrecht. Veen. Utrecht.
Akker, W.J. van den – 1987 ‘De schrijver in een impasse; over “De schrijver” van M. Nijhoff (I)’. In: De nieuwe taalgids 80 (1987) no. 5: 386–406.
Akker, W.J. van den en G.J. Dorleijn – 1985 ‘Stemmen uit de redactie. Een documentatie over het redactiebeleid van De gids tussen 1916 en 1926’. In: W.J. van den Akker e.a. (red.), Traditie en vernieuwing. Opstellen aangeboden aan A.L. Sötemann. Veen. Utrecht / Antwerpen: 146–177.
Anbeek, T. – 1996 Het donkere hart. Romantische obsessies in de moderne Nederlandstalige literatuur. Amsterdam University Press. Amsterdam.
Anbeek, T. – 1999 Geschiedenis van de literatuur in Nederland, 1885–1985. Arbeiderspers. Amsterdam / Antwerpen. 5de, herz. dr. (1ste dr. 1990).
Bai Juyi – 2001 Gedichten en proza. Vertaling en toelichting W.L. Idema. Atlas. Amsterdam / Antwerpen.
Bakker, S. – 2002 ‘J. Slauerhoff’. In: A. Zuiderent, H. Brems en T. van Deel (red.), Kritisch lexicon van de moderne Nederlandstalige literatuur. 86ste aanv., aug.
Baudelaire, Ch. – 1976 O’Euvres complètes II. Éd. C. Pichois. Gallimard. Parijs. Bibliothèque de la Pléiade no. 7].
Baudelaire, Ch. – 1995 De bloemen van het kwaad. Vertaling en commentaar P. Verstegen. Van Oorschot. Amsterdam [Franse bibliotheek – klassiek]. Tweetalige uitgave (integrale vertaling van de 2de druk van Les Fleurs du mal. Poulet-Malassis et De Broise. Parijs 1861)
Bergh, Hans van den – 2002 ‘Paul Verlaine – voorvechter van het symbolisme?’. In: De tweede ronde 23 (2002) 3 (herfst): 91–99 [Verlaine-nummer].
Bergh, Herman van den – 1918 ‘Studiën (tweede reeks) VI: Van grondslag en onderscheid’. In: Het getij 3 (1918): 192–196. Ook in: idem, Nieuwe tucht. Studiën over litteratuur. De Spieghel. Amsterdam z.j. [1928]: 7–13. Read more

Bookmark and Share

  • About

    Rozenberg Quarterly aims to be a platform for academics, scientists, journalists, authors and artists, in order to offer background information and scholarly reflections that contribute to mutual understanding and dialogue in a seemingly divided world. By offering this platform, the Quarterly wants to be part of the public debate because we believe mutual understanding and the acceptance of diversity are vital conditions for universal progress. Read more...
  • Support

    Rozenberg Quarterly does not receive subsidies or grants of any kind, which is why your financial support in maintaining, expanding and keeping the site running is always welcome. You may donate any amount you wish and all donations go toward maintaining and expanding this website.

    10 euro donation:

    20 euro donation:

    Or donate any amount you like:

    Or:
    ABN AMRO Bank
    Rozenberg Publishers
    IBAN NL65 ABNA 0566 4783 23
    BIC ABNANL2A
    reference: Rozenberg Quarterly

    If you have any questions or would like more information, please see our About page or contact us: info@rozenbergquarterly.com
  • Like us on Facebook

  • Follow us on Twitter


  • Ads by Google
  • Archives