Nieuwe visie op zorg en dienstverlening aan ouderen – Universiteiten in Nederland en België starten onderzoeksproject D-SCOPE


dscopeDe komende vier jaar bundelen universiteiten van Brussel, Leuven Antwerpen, Maastricht en de Hogeschool Gent hun krachten in het multidisciplinaire onderzoeksproject D-SCOPE. Daarin werken internationale experts op het gebied van ouder worden gezamenlijk aan strategieën voor het verbeteren van de preventie en ondersteuning aan kwetsbare ouderen. Het project is in april van start gegaan en komt in september met de eerste aanbevelingen.

D-SCOPE staat voor ‘Detection, Support and Care for Older People: Prevention and Empowerment’. De twaalf professoren en zeven doctorandi van de samenwerkende universiteiten die aan dit project meewerken, krijgen steun van een onderzoeks- en valorisatiecoördinator. D-SCOPE neemt een breed scala aan onderzoeksdomeinen onder de loep, waaronder vroege signalering van kwetsbaarheid en dementie aan ouderen, empowerment van kwetsbare ouderen, mantelzorg, formele en informele netwerken en de kwaliteit van leven. De uitdaging is om in de eigen woonomgeving te zoeken naar de best passende hulp en dienstverlening aan ouderen die langer thuis willen wonen. D-SCOPE krijgt vier jaar de tijd om dit te realiseren. Het wordt gefinancierd door het Vlaamse agentschap voor Innovatie door Wetenschap en Technologie (IWT-SBO).

De coördinatie van D-SCOPE is in handen van professor dr. Liesbeth De Donder van de VU in Brussel. Daar vond begin april dit jaar ook de aftrap plaats. De opdracht voor dit multidisciplinaire onderzoeksproject is om bij te dragen aan het verhogen van de levenskwaliteit van een groeiende groep kwetsbare ouderen, tegen de achtergrond dat de maatschappelijke kosten moeten afnemen. Dat vraagt om een zorg- en dienstverlening die niet alleen beter is, maar ook nog eens efficiënter te werk gaat.
Tijdens de presentatie vertelde Den Donder dat voor een dergelijke exercitie de benodigde meetinstrumenten en ondersteuningsvormen ontbreken. Daar wordt momenteel aan gewerkt. Den Donder zegde toe dat in het eerste rapport dat in september verschijnt met meetinstrumenten en voorstellen voor interventies die gunstig uitpakken voor zowel de kosten als de kwaliteit.

De deelname van een team uit Maastricht geeft dit project een internationaal tintje. De drie wetenschappers van Universiteit Maastricht die een bijdrage leveren aan D-SCOPE, zijn hoogleraar ouderen geneeskunde Jos Schols, hoogleraar sociale gerontologie Ruud Kempen en onderzoeker en universitair docent Rixt Zijlstra. Vanuit Maastricht werken ze aan een instrument of een methodiek die de ‘kwetsbaarheidsbalans‘ opstelt. Het moet gaan om een meetinstrument dat niet alleen kijkt naar de beperkingen, maar ook in kaart brengt wat kwetsbare ouderen nog wel kunnen. Voor deze Nederlandse bijdrage kunnen ze in Maastricht gebruik maken van de data en de expertise die het Nationaal Programma Ouderenzorg (NPO) heeft opgebouwd. Op hun onlangs vernieuwde website presenteert het NPO de Toekomstvisie en Veranderagenda BeterOud met de belangrijkste thema’s, sleutels voor succes en de ambities voor de komende tien jaar.

Voor meer informatie:

D-SCOPE : http://www.d-scope.be
– Over de bijdrage van Universiteit Maastricht aan dit onderzoeksproject: http://www.maastrichtuniversity.nl/newstudy.htm
– Nationaal Programma Ouderenhttp://www.beteroud.nl/beteroud.html
Toekomstvisie van het NPO: http://www.beteroud.nl/Toekomstvisie.pdf

Bookmark and Share

Het lokale burgerinitiatief – Ondernemende pioniers verkennen het sociale domein


ondernemende burgerApril 2015. Door de introductie van de participatiesamenleving kregen de debatten over de opkomst van burgerinitiatieven al snel een ideologische lading. Nu het aantal initiatieven van burgers verder toeneemt, verbreedt de aandacht zich naar verhalen over de praktijk. En dienen zich nieuwe discussies aan. Berichten uit een omstreden niemandsland van pseudovrijwilligers en cryptoprofessionals.

De meest recente publicatie, en meteen ook de meest ontnuchterende is De ondernemende burger, een journalistiek verslag van een rondgang langs circa vijftien burgerinitiatieven. De auteurs, Marcel Ham, hoofdredacteur van het Tijdschrift voor sociale vraagstukken en freelance journalist Jelle van der Meer, zijn gedurende een half jaar door heel het land op reportage geweest en hebben lokale initiatieven vaak meer dan eens opgezocht. De couleur locale van zo’n bezoek kleurt een verhaal en relativeert soms de beste bedoelingen waarmee een initiatief van start is gegaan. Dat is al gelijk in het eerste hoofdstuk het geval bij de Lucas Community, een voormalige Renault-garage in het Amsterdamse stadsdeel Osdorp. Lopend door het gebouw laveren de bezoekers langs stapels planken en houtplaten en zien links en rechts lokalen leeg staan. De rondleider doet een poging om dit beeld bij te stellen. Hij legt uit dat ze tot voor kort organisch en intuïtief te werk gingen en nu in een overgangsfase zitten. Met hun observaties ter plekke prikken de journalisten daar moeiteloos doorheen. Tegelijkertijd schetsen ze hoe deze groep goedwillende burgers aan hun lot wordt overgelaten door de gemeente. En zich als huurders van het pand voor onmogelijke opgaven geplaatst zien. Het boek is overigens allerminst een opsomming van kommer en kwel, de successen en dissonanten wisselen elkaar af. Op een aanschouwelijke manier wordt duidelijk dat het op poten zetten van een burgerinitiatief vaak een kwestie van vallen en opstaan is.

Pioniersgeest
De auteurs van De ondernemende burger slagen er niet in om hun onderwerp goed af te bakenen. Dat werken ze in de hand door te kiezen voor een grote variatie aan burgerinitiatieven. Maar komt ook doordat ze een controversieel thema te pakken hebben met uiteenlopende belangen. Aan de ene kant een overheid die het initiatief meer aan de burger wil laten. Deels uit ideële motieven; de zelfredzame burger wordt op het schild geheven. Maar vooral om het financieel zuiniger aan te kunnen doen met de publieke uitgaven. Haaks daarop staan de motieven van burgers om zich in te zetten. Wie de vijftien lokale initiatieven doorleest, treft daarin een mêlee aan beweegredenen die tot een burgerinitiatief hebben geleid. Dat is soms puur uit idealisme, maar ook uit welbegrepen eigenbelang, dan wel uit betrokkenheid bij een buurt of dorp, en voor pensioengerechtigden biedt vrijwilligerswerk een nieuwe uitdaging, waar het voor anderen een alternatief is bij gebrek aan betaald werk. En vaak gaat het om een combinatie van factoren. Even uiteenlopend zijn de aanleidingen voor de start van een initiatief: de sluiting van een buurthuis, ouderen die onvoldoende zorg krijgen, een flat die leeg komt, het open houden van een zwembad, of nieuwe vormen van energieopwekking die milieuvriendelijk en kostenbesparend zijn. Ze komen allemaal langs in het boek. Samen illustreren ze het hybride karakter van initiatieven die vaak nog in de kinderschoenen staan. En waarvan niet duidelijk is of ze een lang leven beschoren zijn. Wel valt alvast iets te zeggen over succesfactoren die deze projecten in het zadel hebben geholpen. Read more

Bookmark and Share

De Atlas van Zorg & Hulp – Online wegwijzer in zorg en welzijn


Logo AZH2Maart 2015. Deze online wegwijzer Atlas van Zorg & Hulp is bedoeld om mensen wegwijs te maken die informatie zoeken in de complexe wereld van zorg en welzijn: mantelzorgers, vrijwilligers, zorg- en hulpverleners. Dat gebeurt op een hele overzichtelijke manier en in begrijpelijke taal. Met succes, want deze online website die medio 2012 gelanceerd is, voorziet inmiddels jaarlijks 400.000 bezoekers van informatie.

De nieuwste ontwikkelingen worden rondgestuurd in een maandelijkse nieuwsbrief.

Voor wie een proef op de som wil nemen: http://www.zorghulpatlas.nl

Bookmark and Share

Sociaal Bestek ~ Tijdschrift voor werk, inkomen en zorg


sociaalbestekAls nooit tevoren moeten ambtenaren en andere professionals die zich bezig houden met werk, inkomen en zorg op de hoogte zijn van de ontwikkelingen in hun vakgebied. Dat er niet eenvoudiger op geworden nu een groot deel van hun werkterrein gedecentraliseerd is en gemeenten hun eigen stempel op dit beleid kunnen leggen, Het vakblad Sociaal Bestek biedt een baken in dit woelige werkterrein met beschouwingen, analyses, jurisprudentie en innovatieve oplossingen voor maatschappelijke problemen.

Zelf afficheren ze zich als hét vakblad voor specialisten op het terrein van participatie, sociale zekerheid en maatschappelijke ondersteuning. En claimen dat ze actuele informatie over wet- en regelgeving, beleidsontwikkelingen en uitvoeringspraktijk. Dat klinkt veel saaier en ingewikkelder dan deze uitgave van Reed Bussiness er op papier uit ziet. Het blad dat jaarlijks zes keer uitkomt, vierde vorig jaar zijn 75-jarig bestaan en lijkt aan een tweede jeugd begonnen. De decentralisaties en de kantelingen die het sociaal werk binnenste buiten keert, doet het blad goed. De vaktechnische informatie over screeningsinstrumenten en ontwikkelingen in de arbeidsmarkt worden in het maartnummer afgewisseld met artikelen over de aanpak van dementie in het sterk vergrijzende Oisterwijk en de toenemende druk op het sociale netwerk van mensen met een beperking. De rol van de gemeente is steeds de rode draad, maar er is aandacht voor de mensen waar het over gaat en de ervaringen die er mee opgedaan worden in de praktijk. Origineel is bijvoorbeeld de manier waarop de overheidscampagne ‘De zorg verandert mee’ vanuit historisch perspectief tegen het licht wordt gehouden. En er een vraagteken gezet wordt achter de vraag of we er gerust op kunnen zijn dat de kwaliteit van de zorg wel voldoende mee verandert.

Verrassend is het om in dit blad een pleidooi te lezen voor een revival van community work, oftewel het in de marge geraakte samenlevingsopbouw. Die moet helpen voorkomen dat de decentralisatie blijft hangen in een technische operatie, waarbij taken worden overgedragen en bezuinigingsdoelen gehaald worden. De opbouwwerker, om nog maar een andere term voor samenlevingsopbouw te gebruiken, zou zich bezig moeten houden met het coachen van bewoners bij het ontwikkelen van collectieve oplossingen. Om te voorkomen dat de vraag naar dure individuele hulp en zorg escaleert. Wijkteams zijn royaal voorzien van professionals met een verpleegkundige achtergrond. Het is inderdaad geen gek idee om in elk team ook een opbouwwerker binnen te halen. Dan wel het metier daar te introduceren.

Voor wie geïnteresseerd is in Sociaal Bestek: http://www.gemeente.nu/Sociaal/Sociaal-Bestek/

Bookmark and Share

Bonger Instituut voor Criminologie


darklondonalleyHet Bonger Instituut voor Criminologie is een multidisciplinaire onderzoeksgroep binnen de Faculteit der Rechtsgeleerdheid van de Universiteit van Amsterdam. Het instituut is vernoemd naar Willem Adriaan Bonger (1876-1940), de eerste hoogleraar sociologie en criminologie aan de Universiteit van Amsterdam. In die traditie doen wij onderzoek naar criminologische ontwikkelingen in samenhang met rechtshandhaving. Deze dynamische relatie onderzoeken wij vanuit drie hoofdvragen:
– Hoe werkt de formele controle van criminaliteit?
– Hoe en op welke schaal ontwikkelen de aard en omvang van criminaliteit?
– Hoe verhouden deze gebieden zich tot elkaar?

Nu onder meer online:
Uit de schaduw – Jongeren en drugs in Amsterdam Zuidoost
Verborgen werelden – Minderjarige jongens, misbruik en prostitutie
Hulpaanbod seksueel misbruik
Insluiten of heenzenden ~ Problematische GHB-gebruikers op politiebureaus, in bewaring en in verzekering

Het Bongerkaternhttp://rozenbergquarterly.com/bonger-instituut/

Bookmark and Share

Toolkit dementievriendelijk ontwerpen ~ Hoe een architect kan helpen om langer thuis te blijven wonen


aap-noot-miesOktober 2014. Een gladde, glimmende vloer, chloorlucht in de keuken en bewegende gordijnen, het is allemaal not done. Wel aan te raden is het gebruik van absorberende, geluiddempende materialen, zware gordijnen, een keuken die naar eten ruikt en een badkamer naar zeep. Zo maar een greep uit de tips van de Toolkit Dementievriendelijk Ontwerpen, ontwikkeld door KAW architecten in opdracht van Kenniscentrum Wonen-zorg van Actiz Aedes. De auteurs bieden een overzichtelijke lijst do’s en don’ts die van nut zijn bij het ontwerpen en inrichten van woonruimtes voor mensen met dementie.

De uitgave bestaat uit drie delen, het eerste deel is thematisch van opzet, met aandacht voor de zintuigelijke waarnemingen. Het tweede deel gaat over aanpassingen in een zelfstandige woning. Het derde deel behandelt de tips waar rekening mee gehouden moet worden in een zorgcomplex. Met een indeling in geschikt en ongeschikt en door foto’s met foute voorbeelden, een rood kruis wordt in één oogopslag duidelijk gemaakt wat wel en niet aan te bevelen is. Maar de belangrijkste tip van deze uitgave staat in de inleiding. Dat is het advies aan ontwerpers om als het ware in de huid te kruipen van iemand met dementie en zich tevoren in te leven hoe deze een ruimte ervaart. De auteurs hebben zich intensief in de materie verdiept, valt ook op te maken uit de uitgebreide documentatie. Op basis van al die kennis komen ze tot hele praktische tips die ontwerpers ongetwijfeld veel houvast bieden. Toch ligt juist hier de Achilleshiel van deze prachtige catalogus. Want uit de introductie op het onderwerp valt op te maken dat een ontwerper niet kan volstaan met het afvinken van deze checklist, terwijl de Toolkit daartoe juist wel heel erg uitnodigt.

Overbruggen van twee werelden
Voor mensen die het besef van tijd en ruimte langzaam kwijtraken, is de indeling van een huis heel erg belangrijk, net als de inrichting van de woonruimte. Dementie is een complexe ziekte en mensen met dementie zijn niet over één kam te scheren, het gaat om mensen van vlees en bloed met een eigen achtergrond. Vandaar dat er rekening gehouden moet worden met een grote diversiteit in de aard en intensiteit van hun beperkingen en verschillen in stadia van dementie die te onderscheiden zijn. Dit vraagt heel veel van een ontwerper. Naast zijn vakkennis vereist dit ook inzicht in de betekenis van de beperkingen in het dagelijks leven van mensen en inlevingsvermogen in de dilemma’s waar ze tegen aanlopen. Het is lastig om het verschil te overbruggen tussen de wereld van het ontwerp en design en de complexe en kwijnende werkelijkheid van mensen met geheugenproblemen en toenemende dementie. Hier ligt nog wel een uitdaging voor een vervolguitgave.

Gigantische markt
Het thema komt regelmatig langs in het nieuws: de dubbele vergrijzing en in het kielzog hiervan het groeiend aantal mensen met dementie. Alles wijst er op dat het om een urgent maatschappelijk probleem gaat. De zorg krijgt het hier de komende decennia nog druk mee. Te meer omdat er binnen afzienbare tijd geen medicijnen op de markt komen om deze ziekte de kop in te drukken. Vandaar ook dat de overheid haast maakt met maatregelen om de kosten voor de zorg in de hand te houden. Bijvoorbeeld door het gebruik van woon- en zorgvoorzieningen af te remmen. En het beleid er op te richten dat mensen met ernstige geheugenproblemen of dementie langer thuis blijven wonen. Dit laatste ligt overigens voor de hand, want dit is in het algemeen ook de wens van ouderen zelf. Toch is nu al te voorzien dat het gros van de huizen niet voldoet aan de toekomstige eisen die samenhangen met de ouderdom en dementie. Goed beschouwd ligt hier een gigantische markt voor het bouwen en levensloopbestendig maken van woningen voor deze doelgroep. Ook de zorg is gebaat bij beter aangepaste huisvesting, want hun werkdruk wordt ontlast als er in woningen voldoende rekening wordt gehouden met de beperkingen vanhun cliënten. Want naast meer mantelzorg en de introductie van slimme technische hulpmiddelen, kan ook het aanpassen van huizen soelaas bieden om dementerenden langer thuis te laten wonen. Read more

Bookmark and Share

  • About

    Rozenberg Quarterly aims to be a platform for academics, scientists, journalists, authors and artists, in order to offer background information and scholarly reflections that contribute to mutual understanding and dialogue in a seemingly divided world. By offering this platform, the Quarterly wants to be part of the public debate because we believe mutual understanding and the acceptance of diversity are vital conditions for universal progress. Read more...
  • Support

    Rozenberg Quarterly does not receive subsidies or grants of any kind, which is why your financial support in maintaining, expanding and keeping the site running is always welcome. You may donate any amount you wish and all donations go toward maintaining and expanding this website.

    10 euro donation:

    20 euro donation:

    Or donate any amount you like:

    Or:
    ABN AMRO Bank
    Rozenberg Publishers
    IBAN NL65 ABNA 0566 4783 23
    BIC ABNANL2A
    reference: Rozenberg Quarterly

    If you have any questions or would like more information, please see our About page or contact us: info@rozenbergquarterly.com
  • Like us on Facebook

  • Follow us on Twitter

  • Recent Rozenberg Quarterly Articles


  • Ads by Google
  • Rozenberg Quarterly Archives