Combineer betrokkenheid met vernieuwing en een zakelijke aanpak ~ Onderzoekster Roos Verboog


Skyline_Werkhoven-commons.wikimedia.org

Skyline Werkhoven
Ills.: commons.wikimedia.org

Maart 2014. Roos Verboog deed in 2011 onderzoek naar leefbaarheid in de kleine kernen van Utrecht. Van haar gesprekken met dorpsbestuurders over leefbaarheid in de kleine kernen herinnert ze zich nog het meest hun betrokkenheid bij het dorp. Verboog: `Die was enorm. Ze maakten zich heel veel zorgen over het verdwijnen van voorzieningen en het uitblijven van nieuwbouw, met name van starterwoningen voor jongeren.` De onderzoekster denkt dat besturen meer kunnen bereiken door zakelijker en doelgerichter te werk gaan en ziet de sociale media als een kans om jongeren meer bij hun dorp te betrekken.

Ter afsluiting van haar studie sociologie wilde Roos Verboog meer te weten komen over de belangenbehartiging van kleine kernen. En dan met name de rol van de UVKK daarbij. In vier maanden tijd heeft ze zo’n twintig dorpscomités en besturen van dorpshuizen opgezocht. Vaak pakte ze haar racefiets en peddelde door weer en wind om ter plekke te horen met welke thema’s deze besturen zich zoal bezig hielden. Om een paar uur later met haar hoofd vol verhalen weer naar huis te fietsen. Verboog: `Het viel me na een tijdje op dat die kleine kernen onderling eigenlijk heel erg van elkaar verschillen. En op de vraag waar men zich zoal mee bezig hield, kreeg ik de meest uiteenlopende verhalen te horen.`

Strategisch
Aanvankelijk was Verboog vooral op zoek naar gemeenschappelijke belangen. Met als doel om daarmee zicht te krijgen op de meest geëigende rol en functie voor een provinciale vereniging. Die zoektocht krijgt twee jaar later een nieuwe dimensie nu de UVKK ermee stopt. Vandaar de vraag aan de onderzoekster of er thema’s of knelpunten zijn aan te wijzen die voortaan tussen de wal en het schip terechtkomen? Verboog: `De gesprekken met dorpsbestuurders hebben mij geleerd dat je hun verhalen niet over één kam kunt scheren. Zij benadrukten juist continu dat het bij hen net even anders lag. Ik denk dan ook dat je bij belangenbehartiging van kleine kernen niet zozeer moet denken aan overeenkomstige thema’s, maar dat je veel meer moet stilstaan bij de organisatorische en strategische aspecten die ze gemeen hebben. En de voordelen die ze kunnen halen uit de contacten met andere dorpsorganisaties.’ Read more

Bookmark and Share

Dorpsorganisatie tilt leefbaarheid naar een hoger plan ~ V.O.C.U.S. Cabauw


Cabauw-nl.wiki

Cabauw
Ills.: wikipedia.org

Maart 2014. Wandelend door Cabauw valt al snel op dat hier de afgelopen jaren flink aan de weg getimmerd is: een fraai nieuw jeugdgebouw, daarachter een enorm evenemententerrein, even verder een 50-tal nieuwbouwwoningen en als kers op de taart een gloednieuwe basisschool. Deze recente aanwinsten van het circa 700 inwoners tellende dorp zijn op initiatief van de bewonersorganisatie V.O.C.U.S. tot stand gekomen. Jan Lindsen, voorzitter van Stichting V.O.C.U.S.: `Het ondernemende zit denk ik ingebakken in de manier waarop wij de zaken hier in Cabauw aanpakken.’ Het einde is dan ook nog lang niet in zicht, want er staan alweer nieuwe plannen op stapel.

Buurthuis annex partycentrum ‘In ’t Witte Paard’ wekt met zijn witte gevel en glazen entree van buiten niet de indruk van een doorsnee buurt- of dorpshuis. Dat geldt ook binnen voor het bruin café. Daar vertelt Jan Lindsen over de bijzondere band tussen Stichting V.O.C.U.S. en dit dorpscentrum, dat ruim vijftig jaar geleden grotendeels door vrijwilligers is gebouwd. Bij de start is destijds een stichting in het leven geroepen voor het beheer en onderhoud. Die moest vervolgens ook voor leven in de brouwerij zorgen, zodat er op sociaal en cultureel gebied voor jong en oud iets te beleven viel. De stichting kreeg de naam V.O.C.U.S., acroniem voor Vorming, Ontspanning en Cultureel Streven. Niemand kon vermoeden dat deze stichting zou uitgroeien tot de drijvende kracht achter het succes van ‘In ’t Witte Paard’, en later voor de leefbaarheid van heel Cabauw.

Creatieve motor
In de beginperiode maakte V.O.C.U.S. haar naam meer dan waar, er kwamen toneeluitvoeringen, dans- en muziekavonden, dorpsfeesten, jongeren konden er terecht om te biljarten, ouderen om een kaartje te leggen, noem maar op. Na verloop van tijd kreeg het bestuur de handen vol aan het onderhoud en beheer van `In ’t Witte Paard`. Vandaar dat het organiseren van culturele activiteiten steeds meer gedelegeerd werd en in 1994 volledig in handen kwam van de activiteitencommissie KUBUS. Deze vrijwilligersgroep ontvangt sindsdien jaarlijks een activiteitenbudget van V.O.C.U.S. en is inmiddels de creatieve motor van cultureel Cabauw. Jaarlijks zorgen zij voor een mix van vaste evenementen afgewisseld met culturele attracties en verrassingen die Cabauw tot in de wijde omstreken in de schijnwerpers zetten. Met als hoogtepunt een klinkend jaarprogramma ter ere van het 750 jarig bestaan van Cabauw.

Geen doorstroming
Terwijl KUBUS zich ontfermde over de culturele poot, verlegde het bestuur van V.O.C.U.S. de aandacht naar een heel ander terrein. Het begin daarvan ligt ruim 10 jaar geleden, op het moment dat de Rabobank te kennen gaf dat zij hun filiaal in Cabauw gingen sluiten en het pand wilden afstoten. Stichting V.O.C.U.S. heeft toen samen met het kerkbestuur het pand van de Rabobank aangekocht. Jan Lindsen:`Wij kregen regelmatig signalen dat mensen in Cabauw naar een andere woonruimte omkeken. De doorstroming zat al jaren muurvast was onze indruk. Toen we dit gericht gingen navragen met een enquête, bleek dat maar liefst 60 van de 700 inwoners op zoek waren naar een andere woonruimte. Daarmee hadden we zwart op wit dat er onder jonge starters en ook bij ouderen een enorme vraag was naar huur- en koopwoningen in het dorp. Na die aankoop hebben wij het pand van de Rabobank snel doorverkocht aan een plaatselijke aannemer, met de afspraak om dit te verbouwen tot zeven appartementen.’ Read more

Bookmark and Share

Dorpsraad Nigtevecht


FietsbrugNigtevecht---noord-holland.nl

Fietsbrug Nigtevecht
Ills.: noord-holland.nl

Maart 2014. In het voorjaar van 2009 nam de dorpsraad van Nigtevecht het initiatief om een dorpsvisie op papier te zetten. Aanleiding was de ophanden zijnde gemeentelijke herindeling. Nigtevecht wilde zich presenteren aan de nieuwe gemeente. En het oude gemeentebestuur vóór de overdracht een document aanbieden waarin stond aangegeven waar het dorp trots op is, wat ze willen behouden en wat ze in de toekomst veranderd willen zien. Vier jaar later is deze visie nog altijd een belangrijk ijkpunt. Kees Neervoort, voorzitter van de dorpsraad: `Wij beschouwen de dorpsvisie als een sociaal contract met het dorp, het is een gedeeld kompas bij onze keuzes en standpunten.’

Een gemeentelijke herindeling hing al in de lucht toen de dorpsraad van Nigtevecht in 2007 van start ging. Een overweldigende meerderheid van 80% van de bevolking sprak zich in die tijd uit voor het zelfstandig voortbestaan van de gemeente Loenen. Tegelijkertijd werd steeds duidelijker dat in politieke kringen de besprekingen vooral gingen over de vraag voor welke combinatie van gemeenten gekozen zou worden. Cees Boonacker, secretaris van de dorpsraad: `Wij hadden al snel door dat het weinig zin had om ons als dorpsraad in een ondoorzichtig politiek steekspel te mengen. Vandaar dat we zochten naar een manier om te anticiperen op de nieuwe situatie. Het opstellen van een dorpsvisie leek ons in deze situatie een passende manier om de belangen van Nigtevecht voor het voetlicht te brengen op het moment dat die nieuwe gemeente zich aandiende. Want als kleine kern en ook nog eens ver van het centrum af gelegen, wilden wij onze huid zo duur mogelijk verkopen.’

Fundering
Er zijn diverse methoden in omloop om de leefbaarheid in kleine kernen onder de loep te nemen en samen met dorpsbewoners plannen voor de toekomst te smeden. Dat gebeurt onder namen als: de dorpsspiegel, het tafelgesprek, DOP’s oftewel dorpontwikkelingsplannen, lokaal leefbaarheidplan, dorp omgeving plan plus en de dorpsaanpak. Het opmerkelijke van de aanpak in Nigtevecht is dat ze hier hun visie afronden op het moment dat er normaliter nog een vertaalslag naar concrete plannen volgt. Om de reikwijdte van hun dorpsvisie toe te lichten pakt Cees Boonacker de luxe uitgevoerde papieren versie er bij: `Hierin staat in feite beschreven waar we het als dorpsraad allemaal voor doen. Het is de fundering van onze plannen en de keuzes die we maken, niet meer en niet minder. Het mooie van dit concept is dat het niet afhankelijk is van de wisselende koersen in de politiek. Of na een tijdje alweer achterhaald is door financiële tegenvallers.’ Read more

Bookmark and Share

Het dorp als business case ~ Provincie Utrecht


1926851_821833581166858_1737005502_nMaart 2014. Dankzij het project Leefbaarheid Kleine Kernen van de Provincie Utrecht kwamen in de periode van 2004 tot 2009 projecten van de grond in maar liefst 26 van de 37 kleine kernen. Stuwende kracht achter dit succes was projectleider Erik Ypema. Die roemt de grote betrokkenheid tijdens ‘dorpsoplopen’, bijeenkomsten waar dorpsbewoners gezamenlijk plannen konden smeden en met elkaar in gesprek gingen over de toekomst van hun dorp. ‘Burgerparticipatie op zijn best,’ aldus Erik Ypema. Die de suggestie doet om deze formule ook in grotere dorpen en stadswijken toe te passen. Als volgende stap in de kleine kernen zou hij een proef willen doen met het ontwikkelen van een dorp als businesscase.

Een kleine dertig jaar geleden werd Erik Ypema bij de Provincie Utrecht aangesteld als planningsmedewerker voor psychiatrische voorzieningen. Achteraf blijkt de psychiatrie de enige sector in de gezondheidssector te zijn waarin hij niet werkzaam is geweest. Wel hield Ypema zich bezig met de planning van verpleeghuizen, gehandicaptenvoorzieningen en bejaardenoorden, allemaal in het kader van de wettelijke taken die de Provincie op dit terrein heeft. Vanuit deze positie heeft hij een bijdrage kunnen leveren aan de vermaatschappelijking van de zorg. Zo werd het beleid genoemd dat tot doel heeft om de huisvesting van cliënten in grote instellingen in een bosrijke omgeving te verplaatsen naar kleinschalige woonvormen tussen ‘gewone mensen ‘ in wijken en dorpen.

Over de schutting
Gehandicapten en chronisch zieken mochten niet langer worden ‘weggestopt’ in een bosrijke omgeving, was het credo. Erik Ypema: `Die omslag had gevolgen voor de ruimtelijke ordening. Wij dachten na over de toekomst van vrijkomende gebouwen; vaak ging het dan om sloop, soms was natuurbestemming een optie. Ik kreeg op die manier te maken met formele procedures die te maken hebben met de ruimtelijke ordening, zoals het Streekplan, Structuurnota’s, bestemmingsplannen, stedenbouwkundige visies, rode en groene contouren, noem maar op. In die jaren werkte ik heel nauw samen met een collega op de afdeling Ruimte. Al doende ontdekten wij dat er zo veel meer mogelijk is als je bereid bent over de schutting van je eigen vakgebied heen te kijken. En gezamenlijk op zoek te gaan naar oplossingen.` Read more

Bookmark and Share

De metamorfose van een dorpshuis ~ Dorpshuis De Springbok ~ De Hoef


logo springbokMaart 2014. Een dorpshuis, volledig gerund door vrijwilligers, slaagt er in om bijna een half miljoen euro bij elkaar te krijgen voor een ingrijpende verbouwing. Het lijkt in deze tijd van bezuinigingen een sprookje. Maar in De Hoef, een kleine kern met nog geen 1000 inwoners, hebben ze dit echt voor elkaar gekregen. Vijf jaar geleden is hiervoor de basis gelegd toen het nieuw aangetreden bestuur besloot het roer om te gooien. Een droomscenario? Welnee, zeggen ze in De Hoef. ‘We wisten heel goed wat we wilden. En hebben heel consequent de deur voor iedereen opengezet. Met als gevolg dat er van alle kanten steun kwam, vooral uit het dorp zelf.’

De foto’s van de verbouwing liegen er niet om. De muren staan er nog, verder is zo’n beetje alles uit het oude dorpshuis De Springbok gestript. Aan niets is meer te zien waar de bar, de toiletten of de kleedkamers hebben gestaan.  ‘Het wordt helemaal opnieuw van de grond af opgebouwd,’ legt Toni van Bemmelen, penningmeester van het bestuur, uit als hij de plekken aanwijst waar een paar maanden geleden nog werd geklaverjast, waar schoolkinderen gymles kregen, de toneelvereniging repeteerde en de vrouwenclub De Springgeiten wekelijks samen verpoosde. ‘Het gebouw voldeed niet meer,’ aldus Bram Keizer, secretaris van De Springbok. Hij vertelt dat een aantal verenigingen zelfs een ledenstop in moest voeren omdat de ruimte te klein voor ze werd. Leo van den Hoek, die vijf jaar geleden voorzitter werd, legt het omslagpunt bij de komst van het nieuwe bestuur die in 2008 het besluit nam om echt een andere koers te varen.

Orde op zaken
De beelden van de verbouwing zijn een treffende metafoor voor de start van dat nieuwe bestuur. Het zag er destijds ook bestuurlijk allesbehalve rooskleurig uit: de verhoudingen met de direct omwonenden waren vertroebeld en contacten met de gemeente verliepen moeizaam. Niet alleen het gebouw kende achterstallig onderhoud. Van den Hoek: ‘We stonden voor de opgave om eerst intern schoon schip te maken. Als bestuur moesten wij de regie weer in handen zien te krijgen. We zijn toen als eerste gesprekken gaan voeren met onze eigen vrijwilligers en met alle groepen en verenigingen die gebruik maakten van De Springbok. Want zolang in eigen huis de zaken niet op orde zijn, heeft het geen zin met anderen in gesprek te gaan. Die klus moesten we dus klaren voordat we ons als serieuze partner naar buiten konden presenteren.’ Read more

Bookmark and Share

  • About

    Rozenberg Quarterly aims to be a platform for academics, scientists, journalists, authors and artists, in order to offer background information and scholarly reflections that contribute to mutual understanding and dialogue in a seemingly divided world. By offering this platform, the Quarterly wants to be part of the public debate because we believe mutual understanding and the acceptance of diversity are vital conditions for universal progress. Read more...
  • Support

    Rozenberg Quarterly does not receive subsidies or grants of any kind, which is why your financial support in maintaining, expanding and keeping the site running is always welcome. You may donate any amount you wish and all donations go toward maintaining and expanding this website.

    10 euro donation:

    20 euro donation:

    Or donate any amount you like:

    Or:
    ABN AMRO Bank
    Rozenberg Publishers
    IBAN NL65 ABNA 0566 4783 23
    BIC ABNANL2A
    reference: Rozenberg Quarterly

    If you have any questions or would like more information, please see our About page or contact us: info@rozenbergquarterly.com
  • Like us on Facebook

  • Follow us on Twitter

  • Recent Rozenberg Quarterly Articles


  • Ads by Google
  • Rozenberg Quarterly Archives