Het Odensehuis – Een innovatief clubhuis voor wie te maken heeft met dementie

No comments yet

de-mens-zie festival 12 april 2014

de-mens-zie festival
12 april 2014

Oktober 2014. Het Odensehuis viert dit jaar zijn eerste jubileum, het inloophuis voor en door mensen met beginnende dementie en hun naasten bestaat vijf jaar. Twee jaar eerder, in 2007, staken een aantal Amsterdammers die persoonlijk en professioneel betrokken zijn bij dit onderwerp, de koppen bij elkaar. Zij vonden dat er een plek moest komen waar mensen met geheugenproblemen en hun dierbaren al in een vroeg stadium terecht kunnen. Voor informatie en advies, maar ook voor een kop koffie, een goed gesprek of voor culturele activiteiten. Een trefpunt waar ze gelijk vanaf de diagnose en in de verwarrende periode daarna terecht kunnen. Dat blijkt van onschatbare waarde, ook voor het welbevinden in latere stadia van de ziekte. De aanpak van het Odensehuis blijkt een schot in de roos, elders in Amsterdam en door het hele land komen nieuwe Odensehuizen van de grond.

De naam van het Amsterdamse Odensehuis is ontleend aan een tot de verbeelding sprekend ontmoetingscentrum voor mensen met dementie in de Deense stad Odense. De formule in Amsterdam vindt zijn oorsprong in soortgelijke initiatieven in Denemarken en Schotland. Het is een formule die op een aantal essentiële punten afwijkt van reguliere voorzieningen in ons land, zoals de dagopvang, de Alzheimercafés en ontmoetingscentra die in de afgelopen vijftien jaar zijn opgezet door zorginstellingen. Die bieden hulp en ondersteuning vanuit een professionele setting, terwijl het Odensehuis een vrijwilligersinitiatief is. De activiteiten van het Odensehuis worden uitgevoerd vanuit een eigen pand dat qua karakter nog het meest weg heeft van een klassiek clubhuis. Het is een accommodatie voor lotgenoten, in het Odensehuis spreken ze van participanten, die zich daar met hun mantelzorgers en vrijwilligers thuis voelen, ‘onder elkaar’ zijn. Ze ondernemen er ook zelf activiteiten, treden samen naar buiten en komen met verwanten en vrijwilligers op voor hun belangen. De belangstelling voor dit concept groeit en vindt steeds meer navolging. Het Odensehuisbestuur heeft samen met een aantal zorg- en welzijnsorganisaties in de stad de Odense-alliantie opgericht. En een manifest opgesteld met een pleidooi voor verbeteringen in de zorg voor deze groeiende groep Amsterdammers: De Amsterdamse dementiebrief. Die oproep is in 2013 tijdens de Week van de Dementie gepubliceerd. De Odense-alliantie zet zich ook in om het concept van het Odensehuis elders in de stad te introduceren. Er zijn nu op vier locaties in de stad Odensehuizen en twee in Amstelveen. Elders in het land is een Odensehuis gestart Groningen, Vlissingen, Wageningen, Oud-Beijerland en Velsen. In vijf jaar tijd is het aantal Odensehuizen gegroeid naar 11 locaties. Maar daar blijft het niet bij, zo is wel duidelijk. In diverse steden zijn plannen voor zo’n centrum in de maak. En heeft het onlangs geopende Geheugenhuis in Huizen, Noord-Holland, veel weg van deze formule.

Jullie lopen op ons beleid vooruit
Nederland telt bijna een kwart miljoen mensen met dementie, de verwachting is dat dit aantal in 2040 zal verdubbelen naar een half miljoen. Die verdubbeling wordt ook verwacht voor de 85.000 Amsterdammers die door dementie getroffen zijn. Het is een onfortuinlijke keerzijde van de vergrijzing, één op de drie 65-plussers is tegen die tijd dit lot beschoren zolang er geen medicijn tegen deze hardnekkige ziekte gevonden wordt. Op korte termijn ziet het daar niet naar uit. Vergeleken met kanker blijkt het heel moeizaam vooruitgang te boeken bij de behandeling, laat staan de genezing van dementie. Dit voedt dan ook de voorspelling dat dementie hard op weg is om volksziekte nummer één te worden. Dit vooruitzicht krijgt een extra dimensie nu de overheid wil dat mensen met een beperking, dus ook met dementie, langer thuis wil laten wonen. Voor hen geldt het devies dat ze vaker een beroep moeten doen op de steun van mensen in hun omgeving. De drempel naar professionele hulp zal hoger worden evenals de toegang tot woonzorgvoorzieningen. Voor een deel is dit uit kostenoverwegingen, de zorg dreigt onbetaalbaar te worden. Maar er is ook sprake van een paradigmawisseling in het denken over de zorg: een opwaardering van moderne deugden als zelfstandigheid en zelfredzaamheid, een omslag naar activering waar eerder werd gedacht in termen van hulpverlening. Mensen met dementie die hulp nodig hebben, moeten dit in de toekomst allereerst zelf zien te organiseren en hun persoonlijke netwerk aan te spreken. Met als gevolg dat er veel meer op de schouders terecht komen van mantelzorgers en zorgvrijwilligers. Maar ook dat er veel meer behoefte zal zijn aan een uitvalsbasis en trefpunt in de buurt waar deze mensen terecht kunnen. Een voorziening als het Odensehuis voorziet in die behoefte, en kan fungeren als schakel tussen de hulp van professionals en het netwerk van mensen die dementerenden informele steun bieden. Daarmee sluit deze voorziening naadloos aan op de doelstelling van de nieuwe WMO om de regie meer bij mensen zelf te leggen. Met `Jullie lopen op ons beleid vooruit,` complimenteerde staatssecretaris Van Rijn het Odensehuis toen hij daar in november 2013 op werkbezoek was.

Een ontmoeting op straat
Het Odensehuis ligt niet ver van het Olympiaplein, in Amsterdam Zuid. In de Hygiëastraat om precies te zijn, een achteraf straatje dat nog knap lastig te vinden is voor iemand die de buurt niet kent. Als ik op een zomerse dag in maart (2014)in de buurt van het Olympiaplein ronddwaal, zie ik op de stoep een vrouw die heel voorzichtig achter haar rollator loopt, tegel voor tegel. Vraag haar of ze bekend is in de buurt. Het Odensehuis blijkt ze niet te kennen, de Hygiëastraat wel. De route die ze beschrijft loopt langs een vroegere slagerij waar nu een kledingzaak in zit. En een rij pas gerenoveerde panden, waar eerder kantoren in zaten. Daarnaast een verhuisbedrijf, waar haar overleden man werkte. Ze maakt er een beknopte geschiedenis van de buurt van. Een vrouw met een klein hondje die er bij komt staan, vertelt dat ik in tegenovergestelde richting moet en binnendoor kan als ik halverwege de steeg pak. Deze vrouw heeft ook nog nooit van het Odensehuis gehoord, maar wil er wel meer over weten. En vertelt daarna dat haar man na zijn pensionering nogal snel achteruit ging en na een val in het ziekenhuis terechtkwam. Hier constateerden ze dat hij aan Alzheimer leed. Dat bleek al veel langer het geval te zijn, maar zij had er thuis nooit iets van gemerkt. Nou ja, achteraf wel. De vrouw met de rollator kijkt verbaasd. En naar mij: ‘Zoiets hang je toch niet aan de grote klok.’

Ik barst weer van de energie
Het is een zomerse dag in maart (2014) als ik onaangekondigd langs ga bij het Odensehuis en informeer naar De Krant, een uitgave die een student van de Rietveld-academie samen met participanten van het Odensehuis heeft gemaakt. Bij binnenkomst biedt een vrouw gastvrij een kop koffie aan. Tijdens het zoeken naar een exemplaar vertelt de vrouw dat ze vrijwilliger is en hiervoor jarenlang in de thuiszorg heeft gewerkt. `Daar krijg je regelmatig te maken met mensen met dementie, dus ik was er bekend mee. Ik kan het niet goed uitleggen wat het is, maar het waren mijn favoriete adresjes om naar toe te gaan. Ik had er iets speciaals mee. Toen ik er mee moest stoppen bij de thuiszorg, was dit hier wat ik het liefste zou willen doen.’ Bij het Odensehuis voelt ze zich heel erg op haar plek. `Dit is een fantastisch iets. Ongelooflijk wat hier allemaal gebeurt. Ik weet uit ervaring hoe belangrijk het is dat mensen met dementie zo nu en dan het huis uit komen. Ook voor partners is dit een uitkomst, want geloof mij maar dat het geen pretje is om dag en nacht voor je man of je vrouw te moeten zorgen.’ Uit de ruimte er naast klinkt het volkslied van Amsterdam: `Aan de Amsterdamse grachten’. Het zijn de laatste klanken van het huiskoor dat met dit lied hun wekelijkse samenzang afsluit. Als de vrolijk gestemde zaal leegstroomt, sta ik opeens tussen de koorleden die nog even stoom afblazen bij partners of kennissen die hen afhalen. `Ik word hier vrolijk van, ik barst weer van de energie,` vertelt een statige man met witgrijs haar met een jeugdig enthousiasme als hij in mijn richting loopt. En herhaalt zijn woorden als hij de vrouw achter mij op hem af stapt. Ze staat klaar met een colbert, helpt bij het aantrekken; gearmd lopen ze naar buiten. Op straat is het een doorsnee echtpaar in Zuid.

De Gedachtekamer
Bep van Oostrom is coördinator van het Odensehuis. Ondanks alle drukte neemt ze de tijd om het gebouw te laten zien en te vertellen over de werkwijze van het Odensehuis. In de ruimte waar zojuist gezongen werd, legt ze uit dat hier iedere maandagmiddag de Gedachtekamer is. `Dat zijn elke keer weer hele bijzondere bijeenkomsten,` aldus Bep van Oostrom, `waar mensen met uiteenlopende vormen van dementie de gelegenheid krijgen om ervaringen te delen, te filosoferen, waar ze gedichten voordragen, elkaar verhalen vertellen of zich op een andere creatieve manier uiten. We bieden ze een plek waar hun talenten en kwaliteiten tot hun recht komen. In een vertrouwde omgeving waarin ze zich gewaardeerd voelen als mens zoals jij en ik, daar komt het bij al onze activiteiten wel zo’n beetje op neer.’ Er is wekelijks een vast activiteitenprogramma, behalve de Gedachtekamer en het koor, zijn dat creatieve en sportieve activiteiten, een tuingroep, koken met groenten uit de eigen moestuin, een werkgroep dat het leren leren op het programma heeft en een lotgenotengroep voor mantelzorgers. De mensen bepalen zelf wat ze willen doen. Bep van Oostrom: `We haken in op wat de mensen die hier komen graag willen en wat ze nog kunnen, om te voorkomen dat ze zich als patiënten gaan gedragen. Eenmaal in die afhankelijke rol, dan ligt betutteling om de hoek en gaat het snel bergafwaarts. Wij stimuleren dat ze zo lang mogelijk vitaal en actief blijven.` De wekelijkse Gedachtekamer is de plek waar plannen worden bedacht en ideeën voor nieuwe activiteiten worden besproken. Een voorbeeld hiervan is het maatjesproject Mixen & Matchen, waarbij iemand met geheugenproblemen wordt gekoppeld aan een vrijwillig. Dit gebeurt op basis van interesse of talenten die ze delen. Een aansprekend voorbeeld is ook de fotografie workshop `Aansprekend Stedelijk`, in samenwerking met het Stedelijk Museum Amsterdam. Na een korte introductie krijgen de deelnemers een camera mee en gaan aan de hand van een thema foto’s maken in het museum. Het Odensehuis is dus meer dan een ontmoetingsplek en activiteitencentrum. De moestuin, het maatjesproject en de museumworkshop zijn evenzoveel voorbeelden die aangeven dat het Odensehuis mensen met dementie ook stimuleert zich weer actief in de samenleving te mengen. En deze kwetsbare groep zichtbaar te maken voor de buitenwacht. De stad als het ware een beetje dementievriendelijker te maken

Jubileumjaar
Het Odensehuis bestaat dit jaar (2014) vijf jaar, dat is dit voorjaar gevierd tijdens een feestelijke bijeenkomst. Ter gelegenheid van dit jubileum is ook een boek verschenen, getiteld: OdenseHUIS, met de triggerende ondertitel `mensenhuis`. De teksten in het boek komen grotendeels uit de Gedachtekamer, maar er staan ook bijdragen in van mantelzorgers en vrijwilligers, En veel foto’s. In de eerste drie jaren van het bestaan wist het Odensehuis financieel het hoofd boven water te houden dankzij bijdragen van fondsen, giften en de eigen participanten. In 2013 is een alliantie aangegaan met een aantal welzijn- en zorgaanbieders in de stad. De gemeente Amsterdam springt financieel tijdelijk bij in het kader van de brede doeluitkering van de wmo. In afwachting op de situatie die ontstaat vanaf januari 2015, op die datum treedt de nieuwe wmo in werking in het kader van de decentralisatie van overheidstaken in de zorg. Het ligt voor de hand dat er tegen die tijd ruim baan geboden wordt als dit succesvolle burgerinitiatief zich meldt. Los van alle inhoudelijke argumenten, is het Odensehuis ook financieel een aantrekkelijke voorziening voor de gemeente omdat de organisatie vederlicht is opgetuigd: er is alleen een coördinator in vaste dienst en de uitvoering is hoofdzakelijk in handen van vrijwilligers. Coördinator Bep Oostrom: `Onze insteek is heel anders dan een professionele zorginstelling. We doen bijvoorbeeld veel aan lotgenotencontact, partners en mantelzorgers die steun bij elkaar vinden. En de stabiliteit van een vaste groep vrijwilligers is een belangrijke voorwaarde voor de participanten. Die hebben houvast nodig. We bieden hier de geborgenheid van een vaste plek en de vertrouwdheid van bekende gezichten.` Deze gastvrije opzet en het laagdrempelige karakter dragen er aan bij dat mensen in met dementie al in de beginperiode van hun vergeetachtigheid de weg naar het Odensehuis weten te vinden. Dat is belangrijk, omdat in preventief opzicht juist in die fase belangrijke winst te behalen is.

Zie voor het jubileumboek:  http://www.odensehuis.nl/index/nieuws/160/JubileumboekOdensehuis-bestelhetnu.html

Dementie met een kwinkslag
Om uit te vinden wat er allemaal nog meer mogelijk is, werkt het Odensehuis sinds 2013 samen met Henri Snel, hij is onderzoeker op het gebied van Alzheimer en architectuur en docent op de afdeling Inter-Architecture van de Gerrit Rietveld Academie. In het afgelopen studiejaar (2013 / 2014) heeft een aantal studenten van het Rietveld proefondervindelijk onderzocht welke oplossingen ze vanuit hun vakgebied kunnen bieden voor mensen met Alzheimer. Opmerkelijk is dat ze niet te rade zijn gegaan bij de techniek, maar back to basics op zoek zijn gegaan naar de mogelijkheden om aan te sluiten op de belevingswereld van mensen met geheugenproblemen. En bij hun oplossingen hebben geprobeerd om aansluiting te vinden bij de zintuiglijke waarneming. In de wetenschap dat bijvoorbeeld muziek en bepaalde geuren luikjes in het geheugen kunnen openen. Of behulpzaam kunnen zijn om iets niet zo snel te vergeten. De zoektocht van deze studenten levert een serie creatieve oplossingen op. Heel uiteenlopend ook. Zo is De Krant, voor, door en met de Odensehuisbezoekers, eenvoudig van taal met korte zinnen en grote koeienletters. Richt de vorm en inhoud zich nadrukkelijk op de bezoekers van het Odensehuis. De toon is serieus. Terwijl het ontwapenende stripboekje, House of Dementia, lichter van toon met humoristische tekeningen van situaties waarin mensen met dementie in verzeild kunnen raken. Dementie met een kwinkslag. Een studente heeft een speciale sleutel ontworpen waarmee in één oogopslag te zien is dat iemand geheugenproblemen heeft. Doordacht is ook het geurenkompas, een klompje klei met een geurblokje voor in de handpalm. Het idee er achter is dat het geurblokje als een reminder werkt: stel je bent onderweg vergeten waar je naar toe moet. Dan kan de amandelgeur je er aan herinneren dat het doel van de wandeling de bakker is. Er zijn meer oplossingen gevonden voor mensen die de weg snel kwijt raken: een boodschap karretje dat een krijtspoor op de stoeptegels achterlaat. Zoals Hans en Grietje in het sprookje hun broodkruimels achterlieten om het spoor terug naar huis te kunnen vinden. Het zijn vingeroefeningen om met creatieve producten aan te sluiten bij de belevingswereld van mensen die vergeetachtig zijn. Wisselend kunstzinnig en praktisch en hier en daar met een kwinkslag. De ontwerpen zijn in april (2014) feestelijk gepresenteerd tijdens een `De mens-zie-festival` waar ook bewoners uit de buurt onthaald werden met muziek, film, presentaties, taart en een extra editie van De Krant.

Emancipatie en een herwaardering van mensen met dementie
Het Odensehuis kan gerust een koploper genoemd worden, als het gaat om de emancipatie van mensen met geheugenverlies of dementie. De kern van hun verhaal zit in het benadrukken dat het om mensen gaat zoals jij en ik, waar we dan ook op die manier mee om moeten gaan. De tijd is rijp voor zo’n herwaardering, zo lijkt het. Het Odensehuis is in korte tijd een begrip geworden dat staat voor een andere benadering. De Odense-alliantie zet zich in om de ervaringen hiermee ook toe te passen in de dagopvang en activiteiten van traditionele zorgvoorzieningen in de stad. Inmiddels schieten de initiatieven voor een Odensehuis in de rest van het land als paddenstoelen uit de grond. De belangstelling voor nieuwe concepten valt niet uit de lucht, er is veel meer aan de hand. De vergrijzing en in het kielzog hiervan de groei van het aantal mensen met dementie, is een wereldwijd probleem. Op wetenschappelijk gebied worden de handen ineen geslagen door middel van uitwisselingen en internationale onderzoeksprogramma’s die gezamenlijk worden uitgevoerd. Het beeld van de sociale programma’s en de maatschappelijke implicaties van deze ziekte is diffuser. Het zwaartepunt van de vernieuwingen en pilots speelt zich af op lokaal en landelijk niveau. Maar dat is wel aan het veranderen. Dat geldt voor de technologische toepassingen en hun bruikbaarheid om het leven voor mensen met dementie comfortabeler te maken. Die stopt niet bij de landsgrenzen. De rondleidingen die het MOMA, het museum voor moderne kunst in New York, in 2007 ontwikkelde voor mensen met dementie, illustreert hoe snel een goed idee zich als een virus kan verspreiden. Twee jaar later namen het Odensehuis en het Rijsmuseum dit idee over en organiseerden een soortgelijke tour. Inmiddels heeft elke zichzelf respecterend museum een dergelijk aanbod in zijn pakket. Al dan niet in samenwerking met een zorgpartner. Het Odensehuis doet baanbrekend werk in de manier waarop participanten intern de ruimte krijgen om mee te denken, mee te praten en een actieve bijdrage te leveren in de organisatie. Dat was in de eerste jaren vooral binnen de muren van het Odensehuis. Het is interessant om te zien hoe het Odensehuis zich in toenemende mate profileert als een partner in de wijk en de kansen pakt die zich aandienen om in te spelen in de directe omgeving en de stad.

Voor wie zich verder wil informeren over het Odensehuis:
De website van het Odensehuis in Amsterdam, gevestigd aan de Hygiëastraat: http://www.odensehuis.nl

De Odense-alliantie zet zich in voor het verbeteren van de kwaliteit van zorg aan mensen met dementie. Meer informatie hierover: http://www.odensehuis.nl/index/4/27/OdenseAlliantie.html

Odensehuizen elders in het land: http://www.odensehuisgroningen.nl , http://www.odensehuiszeeland.nl , http://www.odensehuisgelderland.nl

Mixen en matchen, het maatjesproject van het Odensehuis heeft een eigen website: http://www.mixen-en-matchen.n l

Informatie over de activiteiten in samenwerking met Henri Snel en de afdeling Inter-Architecture van de Gerrit Rietveldacademie: http://alzheimer-architecture.nl

Publicatie over de werkstukken van de studenten: http://issuu.com/alzheimer-architecture/insight

image_pdfimage_print
Bookmark and Share

Comments

Leave a Reply





What is 8 + 5 ?
Please leave these two fields as-is:
IMPORTANT! To be able to proceed, you need to solve the following simple math (so we know that you are a human) :-)



Ads by Google

  • About

    Rozenberg Quarterly aims to be a platform for academics, scientists, journalists, authors and artists, in order to offer background information and scholarly reflections that contribute to mutual understanding and dialogue in a seemingly divided world. By offering this platform, the Quarterly wants to be part of the public debate because we believe mutual understanding and the acceptance of diversity are vital conditions for universal progress. Read more...
  • Support

    Rozenberg Quarterly does not receive subsidies or grants of any kind, which is why your financial support in maintaining, expanding and keeping the site running is always welcome. You may donate any amount you wish and all donations go toward maintaining and expanding this website.

    10 euro donation:

    20 euro donation:

    Or donate any amount you like:

    Or:
    ABN AMRO Bank
    Rozenberg Publishers
    IBAN NL65 ABNA 0566 4783 23
    BIC ABNANL2A
    reference: Rozenberg Quarterly

    If you have any questions or would like more information, please see our About page or contact us: info@rozenbergquarterly.com
  • Like us on Facebook

  • Follow us on Twitter

  • Recent Rozenberg Quarterly Articles

  • Rozenberg Quarterly Archives