Revival van een winkeldochter – Het buurthuis voor zorg en welzijn

No comments yet

BuurthuisDHMaart 2014. Tot voor kort was het buurthuis de winkeldochter van de sociale sector. Onder het motto `investeer niet in stenen maar in mensen’, is overal in het land rigoureus het mes gezet in subsidies voor deze  voorzieningen. Veel buurthuizen moesten hun deuren sluiten. Maar er gloort hoop, er zijn buurthuizen die nieuwe wegen in slaan, ondernemender worden, plek bieden aan zzp-ers, broedplaats zijn voor burgerinitiatieven. Maar ook dagopvang voor ouderen of een werkleerplek voor arbeidsgehandicapten, want  de nieuwe wmo en veranderingen in de zorg bieden ruimte om het anders aan te pakken. In een serie artikelen zoekt ZorgLab2015 uit op welke manier buurthuizen zichzelf opnieuw aan het uitvinden zijn.

In Den Haag claimt wethouder Karsten Klein van Jeugd, Welzijn en Sport in het bezit te zijn van de formule voor het buurthuis van de toekomst. De oplossing die hij voorstaat is even simpel als ingenieus: sportverenigingen, scholen, verzorgingshuizen en andere wijkvoorzieningen die bereid zijn de open plekken in hun roosters beschikbaar te stellen voor derden, krijgen van de gemeente het predicaat `Buurthuis van de toekomst`. De redenering hierachter is dat een sportkantine op stille momenten ook heel goed te gebruiken is als vergaderplek voor een wijkcomité of het houden van de wekelijkse bingo voor ouderen. En waarom geen tangolessen, zwangerschapsyoga of een schaakkampioenschap in de ontmoetingsruimte van het verzorgingshuis dat in de wijk staat?

Het buurthuis van de toekomst
In 2010 bij de start van zijn ambtstermijn is wethouder Klein met de uitvoering van dit nieuwe beleid begonnen. Ter stimulering reserveerde hij een half miljoen euro om accommodaties op te knappen en deze geschikt te maken voor multifunctioneel gebruik. Vier jaar later hebben ruim dertig accommodaties – in maart 2014 zijn dat er 31 om precies te zijn – het predicaat BVDT (Buurthuis van de toekomst)  gekregen. Daarmee heeft de gemeente Den Haag een heel nieuw reservoir aan ruimtes aangeboord waar groepen terecht kunnen om hun  activiteiten te organiseren. Waaronder de bezoekers van de 25 buurthuizen die in dezelfde periode dicht gingen. Een bezuiniging die de gemeente ruim 10 miljoen euro heeft opgeleverd.

Een efficiënter gebruik van accommodaties als alternatief voor buurthuizen die de helft van de tijd leeg staan. Die boodschap gaat er in gemeentekringen natuurlijk in als koek. Er is dan ook veel belangstelling voor dit concept uit Den Haag. Daar zitten ze niet stil, want er is inmiddels ook een website die fungeert als een marktplaats voor ruimtes en activiteiten. Hier kunnen organisaties terecht die op zoek zijn naar onderdak voor hun activiteiten en bezitters van accommodaties kunnen middels de website aangeven welke ruimtes ze op welke tijdstippen in de aanbieding hebben.
[zie: https://buurthuisvandetoekomst.denhaag.nl/]

Lees verder

Behalve het voordeel van efficiëntie en geldbesparing, propageert de gemeente Den Haag deze aanpak ook als bijdrage aan meer sociale samenhang in de buurten. Ter onderbouwing hiervan wordt aangedragen dat mensen die elkaar eerder opzochten in hun vertrouwde buurthuis, door deze nieuwe BVDT-aanpak veel meer in contact komen met andere bewoners uit de wijk. Door afspraken te maken over het gezamenlijke gebruik van een ruimte leren deze partijen tegelijkertijd om samen te werken is de redenering. De wethouder ging in de afgelopen ambtsperiode voortvarend te werk, het is inmiddels een bekend beeld dat hij met een boor en een paar schroefjes de wijken intrekt om een officieel bord met: `Buurthuis van de toekomst` op de gevel van een gebouw te schroeven. En daarmee aan te geven dat Den Haag weer een buurthuis rijker is.


Filmpje van gemeente Den Haag over het Buurthuis van de toekomst

Wittebroodsweken
Het is een aanlokkelijk perspectief om alle openbare gebouwen in een wijk te promoveren tot buurthuis in spe. `Het buurthuis is dood, lang leve het buurthuis van de toekomst`, lijkt hier het parool. Door de sluiting van een groot aantal buurthuizen slaagt de gemeente Den Haag er in om de andere organisaties beter met elkaar te laten samenwerken.

Dit klinkt toch net iets te voorbeeldig om voetstoots aan te nemen, want door de campagneachtige aanpak van de gemeente blijft de keerzijde van deze aanpak onderbelicht. Het is nog maar de vraag  of de nieuwe huisgenoten zich wel zo eenvoudig laten mengen als de persberichten van de gemeente ons willen laten geloven. En zijn de nieuwelingen na de wittebroodsweken nog steeds zo welkom als de ambassadeurs van deze aanpak ons voorspiegelen?

Er is ook een meer principiële reden om nog wat langer stil te staan bij dit Haagse experiment. Dat is de vanzelfsprekendheid waarmee de functie van een buurthuis gereduceerd wordt tot een voorziening die enkel onderdak biedt aan groepen en activiteiten. Een vorm van facilitaire dienstverlening, met de bezettingsgraad  als criterium voor het bestaansrecht van deze wijkvoorziening. Dit is wel een heel mager residu van wat het buurthuis door de jaren heen pretendeerde te zijn. Dit roept de vraag op of ze in Den Haag niet het kind met het badwater weggooien.

Het zal overigens niet meevallen om aan te geven wat dan wèl maatgevend is voor een buurthuis, aan welke voorwaarden het moet voldoen om met zijn tijd mee te gaan. Aan de hand van actuele voorbeelden uit de praktijk willen wij in kaart brengen welke kansrijke ontwikkelingen en interessante initiatieven het buurthuis opnieuw op de kaart (kunnen) zetten. En hoe het buurthuis van de toekomst er in het komende decennium uit kan zien. Onze aandacht richt zich daarbij met name op de veranderingen in de zorg en de manier waarop het buurthuis daarin een bijdrage kan leveren.

De aftrap
Deze tekst is de aftrap voor die verkenningstocht. In de volgende aflevering gaan wij eerst te rade bij de wortels van het buurthuis en de groei- en bloeiperiodes in de afgelopen eeuw. In een poging de Achilleshiel te achterhalen die er toe heeft geleid dat het buurthuis aan het begin van de 21ste eeuw een anachronisme dreigde te worden. We staan ook stil bij een manifestatie in de Jaarbeurs in Utrecht onder de titel `Buurthuis, hart van de buurt` op 15 april 1998. En sluiten dit historische uitstapje af met de plattelandsversie van het buurthuis, het dorpshuis.
Met gepaste bescheidenheid, want hèt buurthuis bestaat natuurlijk niet en deze terugblik is vooral bedoeld als ijkpunt voor de rondgang langs de buurthuizen van de toekomst die wij de komende tijd willen opzoeken.

image_pdfimage_print
Bookmark and Share

Comments

Leave a Reply





What is 20 + 20 ?
Please leave these two fields as-is:
IMPORTANT! To be able to proceed, you need to solve the following simple math (so we know that you are a human) :-)



Ads by Google

  • About

    Rozenberg Quarterly aims to be a platform for academics, scientists, journalists, authors and artists, in order to offer background information and scholarly reflections that contribute to mutual understanding and dialogue in a seemingly divided world. By offering this platform, the Quarterly wants to be part of the public debate because we believe mutual understanding and the acceptance of diversity are vital conditions for universal progress. Read more...
  • Support

    Rozenberg Quarterly does not receive subsidies or grants of any kind, which is why your financial support in maintaining, expanding and keeping the site running is always welcome. You may donate any amount you wish and all donations go toward maintaining and expanding this website.

    10 euro donation:

    20 euro donation:

    Or donate any amount you like:

    Or:
    ABN AMRO Bank
    Rozenberg Publishers
    IBAN NL65 ABNA 0566 4783 23
    BIC ABNANL2A
    reference: Rozenberg Quarterly

    If you have any questions or would like more information, please see our About page or contact us: info@rozenbergquarterly.com
  • Like us on Facebook

  • Follow us on Twitter

  • Recent Rozenberg Quarterly Articles


  • Ads by Google
  • Rozenberg Quarterly Archives