Dutch in Colonial Brazil


encyclopedia.com – One of the great tragedies in the history of Brazil took place between 1624 and 1654 when the Dutch West India Company attempted to occupy Portuguese America, with enormous loss of life and property and massive dislocation of populations. At least 10,000 Dutchmen, Germans, Frenchmen, and other Europeans in the service of the company lost their lives, as did a similar number of opposing Portuguese, Spaniards, and Italians. Untold numbers were maimed. In addition, at least a thousand Amerindians and possibly an equal number of blacks also died fighting for one side or the other. More than a thousand ships were captured or sunk during the thirty years of conflict. Several hundred sugar mills were destroyed, countless cane fields burned, and numerous oxen killed. Tens of thousands of inhabitants of northeastern and northern Brazil were uprooted and forced to march southward to Bahia or Rio de Janeiro, flee into the interior, or return to the Iberian Peninsula. The economy of northeastern Brazil was seriously disrupted, and many decades elapsed before parts of that region were restored to normalcy.

Initially, Dutch contacts with Portuguese America were peaceful. By the latter decades of the sixteenth century, despite Spanish Hapsburg prohibitions against foreign trade with Brazil, an increasing number of Dutch ships and crews were helping carry cargoes, especially textiles, from Europe to Brazil, returning with sugar and brazilwood. By 1621 an estimated ten to fifteen ships were built annually by the Dutch solely for the Brazil trade. By that time, the Dutch controlled about one-half to two-thirds of the carrying trade between Portuguese America and Europe. The end of the twelve-year truce (1609–1621) between the Spanish Hapsburgs and the United Provinces of the Netherlands was marked by the founding of the Dutch West India Company (1621). With governmental support, the Dutch West India Company and explorers began colonization efforts in Portuguese America, Chile, the Caribbean, Suriname, and the Northeastern United States.

Read more: https://www.encyclopedia.com/humanities/dutch-colonial-brazil

Bookmark and Share

Vaderlandsche letteroefeningen. Jaargang 1824. Een bezoek op Aruba en Bonaire, twee tot Curaçao behoorende eilanden, in 1823


Bonaire is, wegens deszelfs ligging bovenswinds, gunstiger voor Curaçao, dan Aruba, en meer bekend bij de zeelieden, die hetzelve doorgaans opzoeken, als zij naar Curaçao willen. Er is geene andere vaart op dit eiland, dan van eene of twee lands-goeletten, (want alle koophandel is er verboden) die gestadig af en aan varen, om van daar zout, kalk en brandhout te halen. Om van Curaçao naar Bonaire te komen, heeft men meestal 24 uren noodig; want het gaat tegen wind en stroom op: in het afkomen besteedt men er nog geene 8 uren over. Zoodra men de oostpunt van Curaçao verlaat, ziet men terstond het westelijk gedeelte van Bonaire voor zich, hetwelk het éénige bergachtige land dier plaats is.

De zuidelijke kust, die men langs vaart, om naar de baai te komen, is zeer schoon; schoon, in de beteekenis, waarin de zeeluî het gebruiken: want men zeilt veilig zoo na aan den wal, dat men er, in den wezenlijken zin des woords, met een’ steen op werpen kan. Reeds was lk het grootste gedeelte van het land, en wel zeer nabij den wal, langs gevaren, zonder dat zich eenig kenteeken vertoonde, dat deze plaats bewoond wordt, en zonder dat ik eenig levend bewerktuigd wezen gezien had. Het met kreupelhout beplante lage land wordt door niets afgewisseld, dan door kleine kale bergen. Eindelijk kwamen wij voor de baai. Hier verbeeldde ik mij Curaçao te zien, toen het, vóór bijna twee eeuwen, door onze voorvaders was in bezit genomen. Langs een dor, eenzaam en akelig strand, waar men niets hoort dan het eentoonig gekabbel van het water, ziet men eenige ver van elkander liggende strooijen huizen, in welker midden een klein Fort staat, met vier stukken geschut voorzien, waar de Kommandeur zijn verblijf houdt, en dat tot eene bewaarplaats dient van de landsgoederen.

Lees verder: http://ikkiseiland.com/een-bezoek-op-aruba-en-bonaire-twee-tot-curacao-behoorende-eilanden-in-1823/

Bookmark and Share

65 jaar Statuut


Het Statuut voor het Koninkrijk der Nederlanden is jarig. Vandaag viert zij haar 65ste verjaardag. Net als bij de mensen krijgt zij haar AOW wat later dan gedacht toen ze geboren werd. Vanaf 15 april 2021 wordt die uitkering pas op haar rekening bijgeschreven. Maar het is de vraag of zij vanaf die datum op haar lauweren kan gaan rusten.

Koningin Juliana ondertekende de overeenkomst tussen de landen die samen het Koninkrijk vormden in 1954. Het Koninkrijk omvatte in dat jaar Suriname, de Nederlandse Antillen en het Europese Nederland. Ook Nederlands-Nieuw Guinea hoorde in dat jaar nog tot het Koninkrijk. Het gebied kreeg een grote mate van autonomie, maar het Statuut gold niet voor haar. In 1962 droeg Nederland dit overzeese gebied over aan Indonesië

Het Statuut legde vast dat de bewoners van de genoemde landen de Nederlandse nationaliteit hadden en één staatshoofd, het huis van Oranje, boven zich accepteerden. Verder werd afgesproken dat de landen een gemeenschappelijk buitenlands beleid zouden voeren, een gezamenlijke defensie zou zorgen voor rust aan de grenzen. Daarnaast was verdere samenwerking mogelijk indien wenselijk. Het stond de landen vrij om interne aangelegenheden op eigen manier aan te pakken.
Het uitgangspunt van het Statuut was en is de gelijkwaardigheid tussen de landen. Een nobel streven.

In 1975 vond het kabinet Den Uyl dat het tijd werd om de koloniale erfenis overboord te zetten. Suriname werd onafhankelijk en de Nederlandse Antillen en Nederland bleven over als twee afzonderlijke landen binnen het Koninkrijk.
In 1985 vond Aruba het tijd om op eigen benen te staan. Het eiland kreeg een status aparte. Waardoor het Koninkrijk weer uit drie landen bestond.

In de loop van de jaren werd het Statuut zo nu en dan aangepast, uiteindelijk resulterend in ingrijpende staatkundige hervormingen. Referenda zorgden ervoor dat uiteindelijk op 10.10.10 Aruba, Curaçao en Sint Maarten de status van zelfstandig land binnen het Koninkrijk kregen en dat Bonaire, St.Eustatius en Saba zich ‘bijzondere gemeentes’ van Europees Nederland mogen noemen.

Op het verjaardagspartijtje vandaag zullen ongetwijfeld feestelijke woorden worden gesproken. Maar ook zullen er kritische noten worden gekraakt. Want het is niet alleen maar feest in het Koninkrijk.
Den Haag kijkt hoofdschuddend naar de eilanden. Daar heeft de Hofstad wel redenen voor. Want dat het nu alleen maar goed gaat, is lastig te bewijzen. De kleuter van het stel, Saba, staat het stevigst op haar beentjes. De overige vijf zitten wat beteuterd in de klas.
De drie zelfstandige landen, Aruba, Curaçao en Sint Maarten, kampen met grote financiële zorgen. Ondermeer als gevolg van corruptie, wanbeleid en incompetentie.
Een deel van bewoners van Bonaire en St. Eustatius is ernstig teleurgesteld na de keuze in 10.10.10 om onderdeel van het moederland te blijven. Zij leven nog steeds in bittere armoede. Hier kan Den Haag niet alleen maar met de beschuldigende vinger naar de lokale politici wijzen. Ook zij is verantwoordelijk voor de gang van zaken.

De verlenging van het werkzame leven door het opschuiven van de pensioengerechtigde leeftijd leverde her en der veel geklaag op.
Het Statuut kan zich opmaken voor nog langer doorwerken. Het zal niet haalbaar zijn om op 15 april 2021 een afscheidsborrel te organiseren.
Daarvoor zijn de verhoudingen binnen het Koninkrijk te complex.

Bookmark and Share

Yuri Visser ~ Nederlands-Brazilië (en het begin van de Nederlandse slavenhandel)


Gezicht op Olinda in Brazilië, 1662 – Frans Post (Rijksmuseum Amsterdam)

Nederlands-Brazilië was van 1630 tot 1654 een Nederlandse kolonie in Zuid-Amerika, het huidige Brazilië. Werd gesticht nadat Piet Hein de Spaanse zilvervloot had veroverd en de West-Indische Compagnie veel geld had. In 1654 werd de kolonie terugveroverd door de Portugezen.

De kolonie, ook wel bekend als Nieuw Holland, was in 1630 gevestigd nadat een expeditieleger van de WIC een groot deel van Brazilië had veroverd op de Portugezen. Die verovering was vooral mogelijk doordat Piet Hein kort daarvoor de Spaanse Zilvervloot had weten te veroveren. De WIC had hierdoor ineens zoveel geld dat het een grote aanval op de Portugezen in Brazilië kon voorbereiden én uitvoeren. Tussen 1630 en 1635 werd uiteindelijk een gebied van maar liefst 600 bij 70 vierkante kilometer op de Portugezen veroverd. Doordat Portugal het zuiden van de kolonie stevig in handen hield, bleef het conflict echter sudderen. Door de verovering van het gebied was de Republiek wel in een klap een koloniale macht van betekenis geworden. Tot die tijd hadden de Nederlanders zich hoofdzakelijk beziggehouden met kaapvaart.

Lees verder: https://historiek.net/nederlands-brazilie-begin-slavenhandel

Bookmark and Share

J. Wijsman ~ Cariben in beeld – Een beeldonderzoek naar de Nederlandse Caribische eilanden vanuit Nederlands perspectief, 1634-1915


De Nederlandse Cariben zijn als Nederlandse kolonie minder aanwezig in het nationale erfgoed dan de andere voormalige kolonies, Nederlands-Indië en Suriname. De Nederlandse blik wordt gevormd door beeldmateriaal uit Nederlandse collecties en archieven te analyseren. Het onderzoek in deze thesis is gedaan met uitsluitend visuele bronnen als primair bronmateriaal, wat voor het Nederlands Caribisch gebied niet eerder is gedaan. Deze thesis maakt deel uit van het overkoepelende onderzoek Traveling Caribbean Heritage. Middels een onderzoeksmethode gebaseerd op discourse analysis, waarbij het beeldmateriaal gelijk staat aan het discourse, is het beeldmateriaal onderzocht. De kunst van het kijken, een belangrijke onderzoeksmethode door Patricia Mohammed, staat centraal. Deze methode vergt het lezen van een afbeelding, zowel kwalitatief als kwantitatief, om deze vervolgens te vertalen van het visuele naar het verbale. Verder wordt gebruik gemaakt van een vergelijkingsmethode, voornamelijk tussen verschillende beeldtechnieken door de eeuwen heen. Hoe worden de Nederlandse Caribische eilanden tussen 1634-1915 weergegeven in Nederlandse visuele erfgoedcollecties, wat is gedurende deze tijd veranderd in het beeld dat gevormd is vanuit deze collecties en hoe heeft de ontwikkeling van visuele media invloed gehad op deze verandering in representatie?

In het kaartmateriaal is duidelijk alleen dat wat van koloniaal belang was voor Nederland afgebeeld. De eilanden behoorden tot het bezit van het Nederlandse rijk en waren van economisch belang binnen de slavenhandel, maar de inheemse bevolking en verschillende culturen van de eilanden waren niet zodanig van belang dat ze in beeld werden gebracht. Uit het getekende beeldmateriaal blijkt dat de Nederlandse blik op de eilanden gepaard ging met veel onbegrip en weinig kennis over het (of de) onbekende. De achttiende-eeuwse koloniale mentaliteit van othering komt naar voren, waarbij de andere mensen, andere omgeving en andere cultuur als inferieur worden beschouwd. Het gebrek aan kennis nam enigszins af door de komst van de fotografie, maar de mentaliteit van superioriteit bleef lang hangen. Wel kwam er meer variëteit in de taferelen die werden afgebeeld, dus het beeld dat vanuit Nederland werd gevormd van de Cariben werd veelal diverser. De negentiende eeuw bood een gevarieerdere en gemodereerde Nederlandse blik op de Nederlandse Caribische eilanden door de toename in ontwikkelde beeldtechnieken. De slavernij komt gedurende de drie onderzochte eeuwen niet prominent in beeld.

Citation: J. Wijsman. (2019, February). Cariben in beeld – Een beeldonderzoek naar de Nederlandse Caribische eilanden vanuit Nederlands perspectief, 1634-1915. Maatschappijgeschiedenis / History of Society. Retrieved from http://hdl.handle.net/2105/47370

Complete thesis:  https://thesis.eur.nl/pub/47370

Bookmark and Share

Peter James Hudson ~ How Wall Street Colonized The Caribbean


[…]

This history of bankers and empire is also a Caribbean history. The Caribbean archipelago was ground zero for U.S. imperial banking. Wall Street’s first experiments in internationalism occurred in Cuba, Haiti, Panama, Puerto Rico, the Dominican Republic, and Nicaragua, often with disastrous results—for those countries and colonies, and often for the imperial banks themselves. Yet where there was expansion, there was also pushback. The internationalization of Wall Street was met with local resistance, refusal and revolt. And just as the history of imperialism has been excised from popular narratives, so too has this history of Caribbean anti-imperialism and autonomy.

Go to: http://bostonreview.net/race/peter-james-hudson-how-wall-street-colonized-caribbean?

Note: This essay is adapted and reprinted with permission from Bankers and Empire: How Wall Street Colonized the Caribbean, by Peter James Hudson, published by the University of Chicago Press. © 2017 by the University of Chicago Press. All rights reserved.

Bookmark and Share
image_pdfimage_print

  • About

    Rozenberg Quarterly aims to be a platform for academics, scientists, journalists, authors and artists, in order to offer background information and scholarly reflections that contribute to mutual understanding and dialogue in a seemingly divided world. By offering this platform, the Quarterly wants to be part of the public debate because we believe mutual understanding and the acceptance of diversity are vital conditions for universal progress. Read more...
  • Support

    Rozenberg Quarterly does not receive subsidies or grants of any kind, which is why your financial support in maintaining, expanding and keeping the site running is always welcome. You may donate any amount you wish and all donations go toward maintaining and expanding this website.

    10 euro donation:

    20 euro donation:

    Or donate any amount you like:

    Or:
    ABN AMRO Bank
    Rozenberg Publishers
    IBAN NL65 ABNA 0566 4783 23
    BIC ABNANL2A
    reference: Rozenberg Quarterly

    If you have any questions or would like more information, please see our About page or contact us: info@rozenbergquarterly.com
  • Like us on Facebook

  • Follow us on Twitter

  • Archives