David Van Reybrouck ~ Zink (2016) met Mohamed El Bachiri en Een jihad van liefde (2017)


David van Reybrouck
Tekening: Joseph Sassoon Semah

David Van Reybrouck tekent in ‘Zink’ het verhaal op van Joseph Rixen, zoon van Maria Rixen, dienstmeisje bij een fabriekseigenaar in Düsseldorf. Nadat ze van hem zwanger was geraakt en verstoten, kwam ze in het najaar 1902 terecht in Neutral Moresnet, “waar meer meisjes naar toe trokken en waar men je met rust liet”. Haar zoon groeit op in een pleeggezin, waar zijn naam van Joseph in Emil Pauly veranderd. Hij wordt speelbal van de ontwrichtende (oorlogs)geschiedenis van dit ministaatje, dat van 1816 tot 1919 het buurland was van Nederland, België en Duitsland. Gedurende een ruime eeuw bezat het een eigen vlag, een eigen bestuur, een eigen rijkswacht en een eigen nationaal volkslied in het Esperando. Ooit
moest het de eerste staat worden waar de officiële taal Esperanto was. Men vond er o.a. zink.

De jonge Emil, verwekt in Pruisen, geboren in neutraal gebied, woont sinds 1915, zonder te verhuizen, voor de volgende drie jaar in het westelijk deel van het Duitse keizerrijk. Na de wapenstilstand in 2018 wordt Brussel zijn hoofdstad; hij is pas vijftien en al aan zijn derde nationaliteit toe. Na zijn dienstplicht in het Belgische leger, trouwt Emil met Jeanne Lafèbre,
afkomstig uit Tilburg. Tussen 1934 en 1950 worden elf kinderen geboren, negen zonen en twee dochters. Ze wonen in Kelmis, waar hij bakker is.

In mei 1940 valt Hitler België binnen en annexeert het voormalige Neutraal Moresnet. Inwoners krijgen de Duitse nationaliteit en moeten onder de Wehrmacht gaan dienen. Het nazi bestuur wil Jeanne eren met het ‘Ehrenkreuz der Deutsche Mutter’, hetgeen ze weigert.

“Wat heeft zij als Nederlandse die naar België is verhuisd te maken met een Führer die beweert dat het gezin ‘het slagveld van de moeder’ is?” Als het zevende kind is geboren, eist de overheid dat hij als Duits staatsburger de voornaam en het peterschap van Hermann Wilhelm Göring krijgt. Voor de administratie wordt deze zoon Leo gedoopt, voor de kerk naar de Belgische vorst Leopold, de ouders wilden niet al te provocerend zijn. In 1943, na de nederlaag bij Stalingrad, wordt Emil Rixen ingelijfd bij de Wehrmacht; later deserteert hij. Na de bevrijding keert hij terug bij zijn gezin, maar wordt gearresteerd door
een ondergrondse verzetsorganisatie. Niet als Belg, verdacht van collaboratie, maar als Duitser in dienst van de Wehrmacht. Read more

Bookmark and Share

Susan Neiman ~ Verzet en rede in tijden van nepnieuws


Ills. Joseph Sassoon Semah

De Europese Commissie presenteerde op 25 april 2018 haar voorstel over het bestrijden van nepnieuws en desinformatie. Een gedragscode voor online-platforms als Facebook, Twitter en Google moet worden ontwikkeld en een Europees netwerk van ‘fact checkers’ moet nepnieuws en valse informatie tegengaan. Speciale lesprogramma’s voor scholieren over het herkennen van nepnieuws staan eveneens op het verlanglijstje van de EC.

Ook Susan Neiman stelt de vraag wat we kunnen doen in tijden van ‘post-truth politics’ in haar in 2017 verschenen boek ‘Verzet en rede in tijden van nepnieuws’, maar dan vanuit een meer filosofische en morele invalshoek. Ze concentreert zich hierbij onder andere op de situatie in de Verenigde Staten en hoe nepnieuws en desinformatie Trump aan de macht hielp en aan de macht houdt.

De machtsgreep van Trump komt niet uit de lucht vallen. Sinds Trump president is gebruikt hij het woord ‘nepnieuws’ voor alles wat hem niet uitkomt, met het doel wantrouwen te kweken. Hij ondermijnt zo “de gedeelde werkelijkheid die een voorwaarde is voor iedere vorm van gemeenschappelijkheid”. Ook worden leugens gedeeld onder het mom van ‘alternatieve feiten’.

Decennia postmodernistische theorie, “met als uitgangspunt de overtuiging van Foucault dat waarheid en macht inwisselbaar zijn” hebben de intellectuele achtergrond gevormd van de post-truth samenleving en het idee ondermijnd dat er universele waarden bestaan waarvoor we ons actief zouden moeten inzetten.

Postmodernisme maakt bijna overal de dienst uit: in de kunst, media, en in een groot deel van de geschiedschrijving. Je hoeft slechts een nieuw dominant verhaal te creëren om de huidige politieke orde te ondermijnen.
De enorme hoeveelheid onjuiste informatie op internet maakt het verschil tussen leugen en waarheid moeilijk te onderscheiden. Nepnieuws is de schaamteloze minachting voor de werkelijkheid. Trump heeft geen last van respect voor de schone schijn, en speelt schaamteloos als kind van deze tijd met de waarheid al naar gelang het hem uitkomt. Een president die zich boven de grondwet stelt.

In het boek stelt Susan Neiman, voortbouwend op de ideeën van Foucault en Kant, dat waarheid en rechtvaardigheid geen ‘kwestie van perspectief’ zijn, zoals vaak wordt beweerd, maar universele waarden om voor te strijden.
“Maar de ervaring vaak voorgelogen te zijn, is niet genoeg om niet meer op het concept waarheid te vertrouwen. Om zover te komen heb je theoretische ondersteuning nodig, geconstrueerd uit een samenraapsel van postmoderne filosofie, evolutionaire psychologie en neoliberale economie. Ook al kunnen die in politieke zin tegenover elkaar staan, ze veronderstellen allemaal een metafysica van achterdocht: achter iedere aanspraak op waarheid gaat een verborgen aanspraak op macht schuil, ieder ideaal verhult een vorm van eigenbelang.” De oorlog in Irak is hiervan een goed voorbeeld.

De wereld van na 1989 is gevormd door een grote hoeveelheid filosofische vooronderstellingen, aldus Neiman. Het neoliberalisme suggereert dat er geen andere waarden bestaan dan marktwaarden, hetgeen bekrachtigt wordt door de evolutiebiologie met de onbewijsbare wetenschappelijke theorieën: wij zijn biologisch geprogrammeerd om zoveel mogelijk exemplaren van onszelf voort te brengen. Deze beide ideologieën gaan ervan uit dat aanspraken op waarheid aanspraken op macht zijn. Ze zijn zo binnen gedrongen in de publieke opinie, dat we ze niet meer als zodanig herkennen.
Trump is met zijn aanspraken op waarheid – zijn aanspraken op macht, zijn waarden zijn allemaal materiële waarden, en hij wil zoveel mogelijk kopieën van zichzelf produceren – een goed voorbeeld.

Gelijke rechten voor iedereen, ongeacht ras, geslacht of seksuele geaardheid, waren nog niet zo lang geleden verre van vanzelfsprekend. Die waarden worden momenteel ernstig bedreigd. Het is gevaarlijk de zaken op hun beloop te laten en onszelf te definiëren als slachtoffer van een onafwendbare gang van zaken.
Susan Neiman ziet goede redenen om het werk van Kant, wiens ideeën vooruitliepen op belangrijke aspecten van de internationale wetgeving en van de sociaaldemocratie, te zien als geboorteplaats van de progressieve politiek.
De werkelijkheid wordt beoordeeld naar de mate waarin ze idealen realiseert en idealen worden niet afgemeten aan de mate waarin ze zijn aangepast aan de werkelijkheid.
Het belangrijkst is het idee van idealen, “want zonder idealen kan iedere eis tot verandering van de hand worden gewezen als een utopische fantasie”.
Ideeën kunnen de wereld veranderen.

De Amerikaanse filosoof Susan Neiman is directeur van het Einstein Forum in Potsdam. Zie: http://www.susan-neiman.de/
Verzet en rede in tijden van nepnieuws – Lemniscaat 2017 – ISBN 9789047709992

Bookmark and Share

Peter Sloterdijk ~ Wat gebeurde er in de 20e eeuw?


Peter Sloterdijk – Tekening Joseph Sassoon Semah

In zijn nieuwe essaybundel ‘Wat gebeurde er in de 20e eeuw?’ beperkt Peter Sloterdijk zich niet tot de vorige eeuw, een eeuw vol destructie, maar hij biedt ook nieuwe perspectieven op globalisering, ecologie, economie en geschiedenis. De mens wil steeds meer en meer en steeds verder en verder, maar tegelijkertijd heeft de mens ook behoefte aan een sociale gemeenschap, aan geborgenheid, aan ergens bij horen, hetgeen hij illustreert aan de hand van het episch dichtwerk ‘Odyssee’ van Homerus.

In het eerste essay ‘Het antropoceen – een proces-toestand in de marge van de aardgeschiedenis’ beoordeelt Sloterdijk de verantwoordelijkheid van de ‘aardeburgers’ voor de natuur: “Als producent van enorme indirecte emissies komt de ‘mensheid’ van het industriële tijdperk, ongeacht haar gewichtloosheid als biomassa, mogelijk inderdaad een geologisch relevante rol toe – namelijk in haar hoedanigheid van uitbuiter van enorme wagenparken en vloten vliegtuigen en schepen die worden aangedreven door verbrandingsmotoren, maar ook met het oog op hun warmtehuishouding in aardse contreien waar strenge winters aanleiding geven tot pyrotechnisch en architectonisch compenserende maatregelen. Het proces over het ‘antropoceen’ kan tot de openbare rechtszitting worden toegelaten.”

De actuele inmenging van de mens in de ontwikkelingsgeschiedenis van de natuur heeft geleid tot verontrustende vervuiling van de aarde, zoals de enorme plastic soep in de Noord-Atlantische en de Stille Oceaan en de toenemende verzuring van de oceanen, maar ook tot doldraaiende, ‘zelfversterkende cirkelprocessen’, die onderling met elkaar zijn verbonden.
Sloterdijk benoemt er zes: de beeldende kunsten, het kredietwezen, de machinebouw, het staatswezen, het wetenschappelijk onderzoek, en het rechtswezen, waar analoge processen plaatsvinden. Read more

Bookmark and Share

Kardinaal Willebrandslezing 2018 ~ 5 april 2018 in Bergkerk te Amersfoort


Prof.dr. Emile Schrijver

Op 5 april 2018 nodigen de Tilburg University/Katholieke Theologie en de Katholieke Raad van het Jodendom de Algemeen directeur van het Joods Cultureel Kwartier en hoogleraar van de geschiedenis van het Joodse boek aan de UvA, Prof. dr. Emile Schrijver, uit om de jaarlijkse Kardinaal Willebrandslezing te geven met de titel “Identiteit en tradities onder druk”. De coreferenten Prof.dr. Dineke Houtman, hoogleraar Judaica aan de Protestantse Theologische Universiteit en Dr. Bill Banning, docent godsdienst en levensbeschouwing op het d’Oultremontcollege te Drunen, gaan in op de vraag wat christenen van de joodse benadering kunnen leren. Een benadering die allereerst gaat om het doen, het leven volgens de Torah in plaats van de christelijke aanpak van puur doorgeven van het geloof.

Emile Schrijver benadrukt in zijn lezing het grote belang dat het jodendom hecht aan het doorgeven van de joodse leer van generatie op generatie (le dor wa-dor). Schrijver illustreert dat met verschillende citaten en voorbeelden uit de geschiedenis, zoals het volgende citaat uit de Misjna (de eerste neerslag van de mondelinge leer uit de tweede eeuw na de jaartelling): “Mozes ontving de Torah van Sinaï, en gaf haar door aan Jozua; Jozua gaf haar weer door aan de ouden, de ouden aan de profeten; en de profeten leverden haar over aan de mannen van de grote vergadering. Zij hadden drie spreuken: wees voorzichtig met oordelen, vorm veel leerlingen en maak een omheining om de Torah.”

Het einde van de 9de of aan het begin 10de eeuw markeren een nieuwe vorm van overdracht, de codex, naar het gebonden boek, dat het mogelijk maakt om grote teksten door te geven, allereerst voor de overdracht van het Heilige Schrift. Schrijver gaat vervolgens in op de traditionele vorm van een gedrukte bladzijde van de Talmoed, die zich kenmerkt door een centrale tekst die is omgeven door commentaarteksten. ”De oorsprong ligt in de cultuur van discussiëren, bevragen en problematiseren die eigen is aan de joodse cultuur.”

In de loop van de 13e eeuw verschijnen steeds meer handschriften met gecentreerde hoofdteksten en flarden commentaar daaromheen geschreven. Dit wordt de traditie van het ‘open boek’ genoemd, een levende en bewegende traditie. Teksten zijn niet definitief, anderen mogen er nieuw licht op laten schijnen. Deze toevoegingen worden vaak opgenomen in nieuwe versies van de tekst en genieten meestal dezelfde autoriteit als de brontekst. Read more

Bookmark and Share

Joseph Semah’s bladen bij Pessachim: Schets van een methode voor Talmoedische landschapsvormen


Joseph Semah ~ Inleiding tot het principe van verhoudingsgewijze expressie

Voor mijn Chavrutha Esther Kontarsky en de kunstenaar Joseph Semah

 

“Inleiding tot het principe van verhoudingsgewijze expressie”, “Inleiding tot de grondslagen van esthetische verhoudingen” of “Inleiding tot het beginsel van verhoudingsgewijze vormgeving”: “An introduction to the principle of relative expression” is de titel die de kunstenaar Joseph Semah meegeeft aan een serie bladen bij de Babylonische Talmoed, die varianten tonen van met zwart overschilderde gedrukte bladen papier. Het zijn bladzijden uit het Talmoedische traktaat Pessachim, met zwarte olieverf in verschillende geometrische vormen overschilderd, analoog aan de formele tekstopmaak van Gemara, Raschi, Rashbam en Tosefot.

Revelare: “versluieren, bedekken”
Met het zwart overschilderen van de verschillende tekstblokken van de Gemara volgt de kunstenaar een hermeneutische techniek uit de traditie van de rabbijnen, waarbij het blootleggen van de betekenis van de tekst tegelijk ook opgevat wordt als het overschrijven/toedekken van dat tekstblok met zwarte “inkt”. Over het thema van de openbaring/het openbaren/revelare van de betekenis van een tekst als een voortdurend proces van het feitelijk toedekken/onttrekken/re-veiling van de tekst door nieuwe “tekst” tot aan de volledige onherkenbaarheid van de oorsprong ervan, bestaat zeer veel contemporaine literatuur. Door een hele generatie Kabbalah-geleerden en onderzoekers van Rabbijnse literatuur is de laatste veertig jaar het specifieke probleem aan de orde gesteld van het oneindig bijwerken van de heilige tekst door “mondelinge uitleg”; een proces dat tevens bewust maakt van een voorgoed on(her-)kenbaar worden van de oertekst. In zijn werk “Offenbarung und Tradition als religiöse Kategorien des Judentums” (1970) stelt Gerschom Scholem een hermeneutiek voor van het radicaal, feitelijk overschrijven van de oertekst van de Thora met kabbalistische literatuur, waarbij hij de voor heilig gehouden “geschreven Thora” op een lijn stelt met het oneindig wit van de ruimte tussen de letters, woorden en zinnen. Met een revolutionaire uithaal naar de verlichte Duits-Joodse universalisten, die, naar Hellenistisch, Judeo-Arabisch en Kantiaans voorbeeld, alle uitleg van De Schrift aan de veronderstelde grondslag van de ene menselijke ratio lieten ontspringen, verklaarde Scholem de materieel-objectieve en esthetische bijzonderheden van de Hebreeuws-Aramese taal en het Hebreeuwse schriftbeeld tot voorwaarde van de overlevering van “heilige teksten” volgens Joodse traditie. Pointe daarvan: de mondelinge overlevering vindt haar oorsprong in een oneindigheid die zich niet als oneindigheid van een ideële ratio maar veeleer als oneindigheid van een materieel wit zijn zich voordoet: een materieel niets tussen de regels, tussen de letters, waarin zich als “zwart vuur over wit vuur” de traditie schrijft en waarbij het wit zelf wijst op het onophoudelijk onleesbaar worden van het geschrevene. Read more

Bookmark and Share

Op de vleugels van de draak – Globaliseringslezing 2013


In de lente van 2009 kocht ik een Emirates Airlines-ticket voor een reis van twee maanden naar Dubai en Guangzhou – de Chinese havenstad in de Pareldelta, bij ons beter bekend als Kanton. De jaren daarvoor had ik veel tijd doorgebracht in Congo en drie boeken over het land geschreven. Ik was blij iets nieuws te gaan zien, maar ook enigszins beschroomd: Dubai kende ik al, maar het was mijn eerste reis naar China. Kon ik er op dit moment in mijn geschiedenis zomaar een nieuw gebied bijnemen, zou ik mezelf naar binnen kunnen wurmen zoals ik in Congo had gedaan en me zo klein maken dat ik kon kijken in plaats van bekeken te worden?

Viereneenhalf jaar later is er mijn nieuwe boek Op de vleugels van de draak, waarin ik beschrijf wat globalisering betekent in het leven van Afrikanen en Chinezen die heen en weer reizen tussen Afrika en China.

Ik hou altijd een lijst bij van de plaatsen die ik onderweg aandoe en de tijd die ik er doorbreng. Zelden is de rij zo lang geweest, zelden figureerden er zoveel namen op. Changsha, Jinhua, Bagua Cun, Wuhan, Yiwu – ik had een duizelingwekkende vaart en kwam een grote hoeveelheid mensen tegen, die net als ik onderweg waren en vaak evenveel reden tot schroom hadden als ik, al leken ze daar aanmerkelijk minder last van te hebben.

De Congolese commerçant Henri, die in Dubai een container vollaadde met schoonheidsproducten, had Engels geleerd uit een zakwoordenboekje tijdens de vlucht van Kinshasa naar Addis Abeba. Hij begreep aanvankelijk niet waarom mensen in Dubai ‘nee’ antwoordden op alles. ‘I no, I no’ – pas na een tijdje snapte hij dat ze ‘I know’ zeiden. De Chinese Shudi had na twaalf jaar Zuid-Afrika weliswaar een aarzelende Engelse woordenschat opgebouwd, maar toen ik na onze ontmoeting zei: ‘I hope to see you again one day’, stond hij hulpeloos tegenover me en vroeg: ‘One day? Which day: Monday, Tuesday?’

Ik kwam terecht in een wereld vol mythes en sterke verhalen. De Malinese commerçant Cheikhna vertelde me dat de Chinezen pas vis begonnen te eten nadat de Malinese president Modibo Keïta in de jaren zestig tijdens een reis naar zijn geliefde China een aantal vissen meenam voor Mao, die ze dankbaar uitzette in een vijver. Shanshan, een Chinese studente Afrika Studies, bekende me dat haar moeder bang was haar naar Afrika te laten vertrekken: ze dacht dat haar dochter daar zwart zou worden en haar kansen op de Chinese huwelijksmarkt zou verspelen.

Soms voelde ik me als de Chinese migrant die op een luwe avond in Guangzhou neerzeeg op zijn geruite koffer en verward om zich heen keek naar het voorbijrazende verkeer op de Huanshi Zhongstraat – net een stripfiguur die uit het hemelruim was gevallen en zich in een halo van sterretjes afvroeg waar hij in godsnaam terecht was gekomen.

Wat zocht ik, wat hield me al die jaren in beweging? Het is soms goed achteraf stil te staan en na te gaan hoe het allemaal begon. Read more

Bookmark and Share

  • About

    Rozenberg Quarterly aims to be a platform for academics, scientists, journalists, authors and artists, in order to offer background information and scholarly reflections that contribute to mutual understanding and dialogue in a seemingly divided world. By offering this platform, the Quarterly wants to be part of the public debate because we believe mutual understanding and the acceptance of diversity are vital conditions for universal progress. Read more...
  • Support

    Rozenberg Quarterly does not receive subsidies or grants of any kind, which is why your financial support in maintaining, expanding and keeping the site running is always welcome. You may donate any amount you wish and all donations go toward maintaining and expanding this website.

    10 euro donation:

    20 euro donation:

    Or donate any amount you like:

    Or:
    ABN AMRO Bank
    Rozenberg Publishers
    IBAN NL65 ABNA 0566 4783 23
    BIC ABNANL2A
    reference: Rozenberg Quarterly

    If you have any questions or would like more information, please see our About page or contact us: info@rozenbergquarterly.com
  • Like us on Facebook

  • Follow us on Twitter

  • Recent Rozenberg Quarterly Articles

  • Rozenberg Quarterly Categories

  • Rozenberg Quarterly Archives